dimanche 10 août 2008

Els Dieleman werd zeven jaar geleden moslima


© Saskia Vanderstichele
Brussel - Ze vallen nauwelijks op in het straatbeeld, maar toch zijn ze steeds talrijker: de 'nieuwe moslims'. Niet alleen gezinsuitbreiding en immigratie zorgen voor een stijgend aantal moslims in België, ook bekeren zich steeds meer landgenoten tot de islam.
Paradoxaal genoeg kent de islam vooral de voorbije zes jaar, dus na de aanslagen van 11 september 2001, een groot succes. Alleen al aan Vlaamse kant komen er jaarlijks meer dan vijfhonderd nieuwe moslims bij. Wat bezielt hen om moslim te worden, terwijl het er voor de moslims in België toch niet makkelijker op is geworden? Hoe reageren hun familie en vrienden op de beslissing? En hoe gaan ze met de vooroordelen in hun omgeving om?
D e cursus 'initiatie tot de islam', gegeven door de Nederlandstalige imam Nordin Taouil in Brussel, vormt voor vele Vlaamse kandidaat-bekeerlingen de aanloop voor ze de definitieve beslissing nemen om moslim te worden. Het middelpunt in België is de Grote Moskee van Brussel, waar Taouil de Nederlandstalige bekeerlingen bij hun overstap begeleidt en een 'attest' uitreikt.
Voor veel bekeerlingen vormde de ontmoeting met (een) 'geboren' moslim(s) de aanzet voor hun interesse in de islam. De 28-jarige bekeerlinge Els/Fatima Dieleman bekeerde zich zo'n zeven jaar geleden tot de islam. Ze ontvangt me in haar appartement in een sociale woonwijk in Meise, in de groene rand rond Brussel, waar ze met haar man Samir en hun twee kinderen woont.
"Mijn man werkte op de luchthaven van Zaventem, als ober. Ik werkte als hostess aan de balie recht tegenover zijn café The Flying Tigers. Dat was in 2000. Wij gingen daar elke morgen met de dames van de balie onze koffie drinken. Op een dag vroeg hij mij: 'Wil je eens met mij meegaan naar de film?' Ik heb meteen ja gezegd, omdat hij zo lief lachte. En zo is alles begonnen. Ik was eenentwintig. Het enige wat ik wist, was dat Samir uit een kleine oase helemaal in het zuiden van Marokko kwam, Tinj dad, en dat hij één broer en vijf zussen had."
"Toen we elkaar een paar maanden kenden, ben ik me vanzelf in de islam gaan verdiepen. Ik was er heel nieuwsgierig naar, maar mijn man liet nauwelijks iets los over zijn geloof. Ik heb dan maar alles in mijn eentje opgezocht, via Nederlandstalige websites op het internet."

Officieel
Sinds een paar jaar beschikken de Vlaamse bekeerlingen over eigen organisaties die kandidaat-bekeerlingen de weg wijzen. In de Grote Moskee van Brussel vinden er om de drie maanden groepsbekeringen plaats, waarbij telkens tientallen personen zich samen bekeren.
Voor Els/Fatima Dieleman betekende haar bekering geen grote ommekeer in haar leven. Ze leefde immers al op islamitische wijze: "Je bekeren tot de islam is vrij eenvoudig. Je hoeft enkel de geloofsbelijdenis – Er is geen God behalve Allah en Mohammed is de boodschapper van Allah – driemaal op te zeggen. Maar op een dag vroeg iemand me of ik wel 'officieel' bekeerd was. Ik wist niet waarover ze het had. Ik heb meteen contact opgenomen met de Grote Moskee hier in Brussel en ben er door imam Taouil ontvangen. Hij was onder de indruk van mijn kennis van de islam, maar was verbaasd dat ik de Koran alleen in het Nederlands kon reciteren. Hij heeft me dan nog een kans gegeven. Ik heb toen de zinnetjes in de oorspronkelijke taal, het Arabisch, van buiten geleerd, hoewel ik niet alles begreep. Daarna was ik meteen 'geslaagd' en mocht ik me 'officieel' moslim noemen."

Uiterlijkheden
Aan Vlaamse kant zijn de bekeerlingen bijzonder goed georganiseerd. De Koepel, de eerste organisatie opgericht voor en door bekeerlingen, richt zich vooral tot mannelijke bekeerlingen. Sinds een tweetal jaar bestaat er ook de 'zuster'-organisatie Al-Minara, die via haar netwerk van regionale steunpuntgroepen en haar onlangs opgerichte internetforum heel Vlaanderen probeert te bereiken en vrouwen met advies bijstaat. Sinds kort beschikken de Vlaamse bekeerlingen ook over een eigen moskee, in de Antwerpse deelgemeente Berchem, waar de preek in het Nederlands wordt gehouden.
De regionale steunpunten zijn belangrijk voor de bekeerlingen, omdat je er gelijkgezinden ontmoet, vertelt Els/Fatima Dieleman. Ze hebben hetzelfde meegemaakt: "Soms hebben we het gevoel dat we ons voortdurend moeten verantwoorden en bemiddelen tussen niet-moslims en moslims. Dat is heel vermoeiend. Door de familie van mijn man ben ik onmiddellijk aanvaard. Dat vind ik nu net zo mooi aan die godsdienst. Iedereen is welkom. Volgens de Koran moet men iedereen in zijn vrijheid laten. Je hebt niet het recht om over iemand anders te oordelen. Alles wat een individu doet, is tussen hem en God. Dat is iets waarvan ik vind dat we in het Westen veel kunnen leren. Hier heeft iedereen altijd wel iets te zeggen over iemand: van de schoenen die hij draagt, tot de kleur van zijn ogen en het feit of hij dik is. Het stoort me dat alles hier zo sterk op het uiterlijk gericht is."
"Ik heb al snel de Marokkaanse cultuur overgenomen. Ik draag meestal een djellaba en hoofddoek, omdat ik dat nu eenmaal graag draag. Maar veel mensen zien alleen een hoofddoek en denken automatisch 'buitenlandse'."

'Zo goed Nederlands'
Dieleman wordt dagelijks geconfronteerd met vooroordelen, op straat of tijdens haar stage in een Brusselse school. "De mensen zijn vaak racistisch zonder dat ze het zelf beseffen. Zo krijg ik dikwijls op straat te horen: 'Ze zouden die vreemdelingen naar huis moeten sturen.' Dan denk ik: 'Wat met de bekeerlingen?' Wij zijn hier thuis, we spreken de taal en kennen de cultuur. Ondertussen is mijn man hier ook volledig geïntegreerd. Hij is dertien jaar geleden naar België gekomen, heeft aan de universiteit van Bergen gestudeerd en werkt nu al bijna tien jaar in Zaventem, waar hij tot management assistant opgeklommen is. Hij heeft de Belgische nationaliteit en spreekt perfect Nederlands. Ook ik krijg geregeld complimenten omdat 'ik zo goed Nederlands spreek.' Geen wonder, ik studeer regentaat Nederlands (aan de Ehsal, red.)."

Groter geheel
Dieleman heeft zich altijd voor godsdienst geïnteresseerd, van kleins af aan. "Je kunt zeggen dat het geloof er bij mij met de paplepel ingegoten is. Ik kom uit een heel religieuze – katholieke – familie. Ik ging elke week naar de mis, deed mijn eerste communie, volgde de catecheselessen en deed mijn vormsel. Maar er ontbrak iets. Achteraf gezien denk ik dat het vooral de samenhang was, het grotere geheel. We kwamen één keer per week samen, in de kerk, en dat was het dan. In de islam is heb je naast die wekelijkse bijeenkomsten ook een hele levensvisie waar je achter staat. Je bent er constant mee bezig, van als je opstaat tot als je gaat slapen."
Niettemin heeft Dielemans omgeving het heel moeilijk om haar keuze te aanvaarden. Een bijkomend probleem was dat ze alleen door haar oma opgevoed is, na de scheiding van haar ouders én de vroege dood van haar moeder en opa. "Mijn oma is de enige familie die ik heb. Zij is ook diegene die mij opnieuw in huis genomen heeft, toen ik zwanger was van Maarten. Een paar maanden na zijn geboorte heb ik Samir leren kennen op het werk. Hij heeft Maarten meteen erkend. Maarten is vernoemd naar mijn moeder Martine – als eerbetoon. Mijn vijfjarige dochtertje Farrah (Arabisch voor 'blijdschap') heeft dan wel weer een Arabische naam. Mijn oma was helemaal niet gelukkig met mijn keuze. Tot aan mijn huwelijksdag mocht ik niet bij Samir overnachten. Nu heeft ze de situatie min of meer geaccepteerd, maar het blijft toch heel moeilijk voor haar."
Zoals vele bekeerlingen verzoent Els/Fatima Dieleman haar nieuwe en haar oude cultuur. "Wij blijven Belgen, en we blijven onze culturele en culinaire gewoontes behouden. Straks tijdens de ramadan, in september, zullen we wel weer elke avond typisch Marokkaanse gerechten eten zoals de harira (soep) en m'semmen (broodjes). Maar de rest van het jaar eten we evengoed mosselen of andere Belgische lekkerijen. Zelf hou ik er bijvoorbeeld van om bij de muntthee boudoirs, mijn lievelingskoekjes, te eten, in plaats van de typisch Marokkaanse gebakjes."

Dit artikel kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek

3 commentaires:

Anonyme a dit…

Beste Els,

Want zo heb ik je altijd genoemd…

Om te beginnen heb ik respect voor elke beslissing die een mens weloverdacht en uit vrije wil neemt. Dus geen gezever over het feit dat je nu moslim of katholiek bent. Voor mij persoonlijk heeft geloof zowiezo geen belang.

Wat me echter keihard tegen de borst stoot is het volgende:

Moet je nu echt sensatie opwekken in dit artikel door te verklaren dat je maar 1 familielid (je oma) hebt? Je oma heeft uiteraard onwaarschijnlijk veel voor jou gedaan. Maar is het ook in lijn met je nieuwe geloof om je overige familie totaal te negeren? Mensen veranderen doorheen de tijd, maar familie heb je wel voor de rest van je leven.

Ergens in dit land zit een man van 85 zich elke dag af te vragen hoe het met jou gaat? Heeft die man je ooit iets misdaan? Integendeel … Het was daar en bij de rest van de familie dat je terecht kon tijdens de weekends dat je naar je vader moest. Maar je gunt hem zelfs geen telefoontje, ook al heb ik het je zo vaak gevraagd. Je hebt een tante die jou en heel je gezin altijd met open armen verwelkomd heeft en een hoop nichtjes die nooit over je geoordeeld hebben. Hoort het dan bij het moslim-zijn om hen te negeren en te verklaren dat je omgeving het moeilijk had met je beslissing? Dat kan ik niet geloven, er is duidelijk iets meer aan de hand.

De enige discussies die wij ooit gehad hebben gingen over
1. Het feit dat jij zekerheid wou over de erfenis wanneer je vader ooit iets overkwam. Als je dan toch geen contact met hem hebt (alle begrip daarvoor), waarom interesseert zijn geld jou dan wel? De dag dat hij in het ziekenhuis lag met hartproblemen heb je hem nog niet eens gebeld. Maar die opmerking heb je duidelijk niet gesmaakt.
2. Het feit dat er problemen waren tussen jou en je echtgenoot en jou en zijn familie. Toen heb ik je aangeraden om te doen wat je vond wat je moest doen, maar zeker je eigen hersenen en hart te volgen. De ene dag beweerde je dat je geterroriseerd werd door hem, de andere dag was er niets meer aan de hand. Wat ik dan in hemelsnaam doen??? Je hebt me toen nog om hulp gevraagd, maar ik oordeelde dat je de situatie wel zelf aankon en wilde me niet te veel moeien. Ik had ook een zeer positief beeld over je echtgenoot, dus ofwel is hij een vreselijk goeie commediant ofwel is hij een schat van een mens. Ook een opmerking die je niet smaakte, maar waarmee ik enkel hoopte dat het je tot nadenken zou stemmen.

Blijft al gelijk hoe de situatie toen juist in mekaar zat, iedereen maakt fouten, maar nu zijn zij heiligen en wij de duivel. Met je grootvader, tantes en nichten heb je nooit een discussie gehad zelfs en ik stond nooit negatief tegenover je ‘moslim-zijn’, maar tegenover je houding in andere zaken.
Terwijl andere mensen geld zouden geven om een leuke familie én schoonfamilie te hebben… Jij kan ze allebei hebben, maar om de één of andere reden weiger je dit. Een trekje van je papa misschien dan toch?

Nu lees ik in dit artikel totaal tegengestelde dingen dan wat jij me ooit als ‘jouw mening’ vertelde. Dan stel ik mij toch de vraag in hoeverre jouw eigen mening in dit artikel staat, laat staan dat je nog een eigen mening hebt. Of ben je zo gedreven door eigenbelang dat je mening verandert naargelang de situatie?

Wat ik de lezer wil meedelen, is het volgende: Het is natuurlijk leuker om een artikel te lezen over een arm vrouwtje die moslima wilde worden, maar door haar omgeving niet gesteund werd in haar beslissing. Wel, beste lezers: dit arm vrouwtje wil niets met haar familie te maken hebben, gebrainwashed of eenvoudigweg omdat ze hen op dit moment niet nodig heeft… geen idee, maar eerlijk vind ik dit niet.

Als je nog eens je familie aanhaalt in een artikel, stuur mij dan eerst een copietje. Je hebt altijd graag gelogen en meestal was het heel onschuldig, maar stop met je familie als een stuk stront te behandelen. Of doe het dan met diegenen die je geld voor je plastische chirurgie hebben opgesoupeerd… Of nee, want nu vind je je uiterlijk helemaal niet belangrijk meer … Dat heb je dan niet gemeen met je schoonfamilie in België en Marokko: Die zijn op dat vlak westerser dan jij, dus verstop je identiteit niet achter een sluier en een scheidingsmuur tussen jou en je familie! Kom gewoon uit voor wie je bent verdorie!


Groetjes!

Je nicht

els a dit…

Hallo Ann,

Wat fijn nog eens wat van je te horen na al die maanden. Sinds ons laatste gesprek waarin jij ineens afhaakte voor de een of andere onverklaarbare reden heb ik niets meer van je gehoord.

Dit artikel moet je natuurlijk in zijn context zien he,Ann. Als ik zeg dat mijn oma de enige familie is die me nog rest, dan bedoel ik daarmee dat het de enige persoon is waarmee ik nog heel regelmatig contact heb. De enige die er eigenlijk echt is voor mij en zonu en dan eens belt om te vragen hoe het met me gaat.

Als die man van 85jaar zich zo'n zorgen maakt om mij kan hij best wel eens bellen. Hij weet wat er gebeurd is. Hij weet hoe de zaken staan en dat het een onmogelijke drempel is voor mij om naar daar te komen. Ik ben nog eens geweest weet je, speciaal voor hem; mijn eerste stap was gezet.

Ik heb bovendien ook contact gehad met mijn tante, na 'het voorval'. En dat eerste contact kwam eveneens van mij.

Mijn vader heeft mij tot twee maal toe duidelijk gezegd dat ik niet langer zijn dochter ben en dat hij mij niet meer wenst te zien. gezien zijn achtergrond en de omstandigheden is het dus beter dat ik echt wel weg blijf denk ik.
Ik ga ervan uit dat hij weet dat hij me mag bellen als hij zich toch bedenkt.
Het is niet aan mij om als een hond achter iedereen aan te blijven lopen om tch maar contact te blijven hebben.Als ik niets verneem, veronderstel ik dat ik best gemist kan worden.
Wat die erfeniszaak betreft, haal je weer de dingen helemaal uit zijn context. Ik maak me helemaal geen zorgen. Dat leidt jij af uit een stom 'grapje', wat helemaal niet als serieus bedoeld was.
En wat de relationele problemen betreft tussen Samir en mij: In welk gezin zit er als eens geen haar in de boter? Waar lopen de woorden nooit eens hoog op?
Ik dacht toen ik je erover vertelde, ik je in vertrouwen kon nemen. Maar blijkbaar, was dat een vergissing. Want nu ruk je de dingen uit hun context en gebruik je onze persoonlijke gesprekken om me neer te halen.Je bent voor mij altijd de leukste, beste nicht geweest die iemand zich kan indenken. We zijn dan ook van hetzelfde jaar...
Maar ik vraag me af vanwaar die haat ineens komt?

Vanwaar die nood om me via een website te laten weten hoe je over me denkt? Je hebt toch mijn nummer? Je weet toch waar ik woon? Mijn deur staat ook open. Dat weten zowel jij als mijn ander nichten en tante Magda maar al te goed. Ik heb dat meer dan eens gezegd. Maar tot nog toe heb ik niemand gehoord of gezien. Op een kerstkaartje van Anja na...

Voor de rest gaat alles goed met me. Ik heb enkele toffe stages achter de rug en studeer bijna af. Ik kan nog perfect voor mezelf denken... Kortom, hier is alles ok.

Ik wens jou en iedereen het allerbeste toe. Jullie weten waar ik woon, jullie hebben mijn nummer. De deur staat nog altijd wagenwijd open. Nu is het aan jullie. Wees welkom!

Groeten van Els,
je nicht

Anonyme a dit…

We zijn 10 jaar verder ondertussen. Ik zag Ann vandaag in de sigarettenshop. Gewoon toevallig. 10 jaar niets gehoord of gezien op haar bemoeienissen rond erfeniskwesties na... Ze draaide haar rode kop om en hoopte dat ik haar niet zou herkennen. Te laat. Ik herkende die schijnheilige blik meteen. Ik heb haar warme groeten gedaan aan de familie ginds. Ik wens haar nog veel succes in haar verdere kleine leventje. Groeten. Je nicht.