dimanche 22 mars 2009

'Problemen Anderlechtse Haard exemplarisch voor heel Brussel'

"Renovatieprojecten slepen veel te lang aan. Tussen de eerste plannen en de herbewoning ligt soms tien jaar." © Romain

Brussel - De reeks in BDW over de Anderlechtse Haard doet Vide Verdoemme!, een actiegroep tegen leegstand, in de pen kruipen. “De artikelen leggen schrijnende situaties bloot.” Maar, benadrukt het platform, "de Anderlechtse Haard is geen uitzondering. Volgens de normen van de Huisvestingscode zou een vijfde van de Brusselse sociale woningen niet verhuurd mogen worden." Tijd voor actie.

Opiniestuk geschreven door Werner Van Mieghem (Brusselse Bond voor het Recht op Wonen), Piet Van Meerbeek (Bral) en Isabelle Hochart (Inter-Environnement Bruxelles), namens het Platform tegen Leegstand Vide Verdoemme!

Te veel sociale woningen in Brussel verkeren in slechte staat door een jarenlang gebrek aan onderhoud en investeringen. Naast de slechte staat van een groot deel van de Brusselse sociale woningen valt ook op dat van de 38.900 sociale woningen er bijna 2.400 leegstaan (zes procent), een situatie die de laatste jaren verergert. Bij de Anderlechtse Haard, met haar 188 leegstaande woningen, ligt dit cijfer rond het gewestelijk gemiddelde, maar bij de Vorstse Haard staat niet minder dan vijftien procent van de woningen leeg, bij de Brusselse Haard, de Etterbeekse Haard of Cité Moderne twaalf procent. Er wordt dan gezegd dat die woningen leegstaan omdat er een renovatieproject gepland is. Het probleem is dat die renovatieprojecten veel te lang aanslepen. Het is geen uitzondering dat er tussen de eerste plannen en de uiteindelijke herbewoning tien jaar ligt.

Nochtans is sinds 1999 de renovatie van het sociale woningenpark de prioriteit van de Brusselse regering. De financiële middelen hiervoor zijn enorm. De investeringsprogramma’s die nu lopen, trekken 480 miljoen euro uit voor de renovatie van de Brusselse sociale woningen. Kortom: het geld is er, hoe komt het dan dat zoveel woningen nog altijd in zeer slechte staat zijn of leegstaan, hoe komt het dat projecten zo lang aanslepen?

Het antwoord is simpel: slecht beheer, een versnippering van de middelen en onvoldoende verantwoordelijkheidsgevoel bij de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij (BGHM). Ter verdediging van de maatschappijen: het gebeurt soms dat een aannemer failliet gaat. Maar niet bij alle maatschappijen gaat de aannemer failliet. Een aantal maatschappijen – en niet per se de kleintjes – kunnen door een gebrek aan werkingsmiddelen (financieel en personeel) hun patrimonium eenvoudigweg niet efficiënt beheren, ze kunnen de jarenlange verwaarlozing niet opvangen en de geplande renovatie- of nieuwbouwprojecten niet binnen een redelijke termijn uitvoeren. De Brusselse openbare vastgoedmaatschappijen beschikken over vijftig hectare aan grondreserves, goed voor minstens 5.000 sociale woningen. En toch heeft een derde van de maatschappijen de laatste vijftien jaar geen enkele nieuwe sociale woning bijgebouwd.
In het Brusselse regeerakkoord van 2004 stond dat men het beheer van de openbare vastgoedmaatschappijen wou professionaliseren en territorialiseren (een eerste aanzet tot fusie?). Maar behalve de Cel Projectbegeleiding bij de BGHM, waarop de maatschappijen vrijwillig een beroep kunnen doen, is er niets structureels gebeurd. De administratieve procedure, waarbij voortdurend dossiers moeten worden uitgewisseld tussen openbare vastgoedmaatschappij en BGHM, blijft loodzwaar, en maatschappijen die hun woningen niet op tijd renoveren, worden niet gestraft door de BGHM.

Maatregelen
We pleiten daarom voor een aantal structurele maatregelen die de maatschappijen moeten helpen hun werk wel goed te doen. In de eerste plaats moet de adminis tratieve procedure dringend worden vereenvoudigd. Ten tweede moet de Cel Projectbegeleiding sterker worden uitgebouwd en moeten moeilijke taken zoals techniek, juridische aspecten en – waarom niet? – boekhouding in een netwerksysteem centraal ondersteund worden. Op die manier krijg je een combinatie van kleinschaligheid, dicht bij de huurders staan, inspraak,... gecombineerd met de nodige expertise.

En ten slotte zou de BGHM werkelijk in de plaats moeten treden van maatschappijen die, ondanks die ondersteuning, de beschikbare gronden niet gebruiken voor de bouw van nieuwe sociale woningen of renovatieprojecten laten aanslepen.
De huidige 36.000 gezinnen die een sociale woning huren en de 26.000 gezinnen die op de wachtlijst staan, hebben hier verdorie recht op.
(BDW)
Meer info op www.bbrow.be

COMMMENTAIRE DE DIVERCITY
Rapport avec l’interculturel ? Les gros problèmes qui créent les tensions entre exclus et inclus, entre allochtones et autochtones, entre jeunes et aînés c’est bien sûr: l’enseignement dualisé, le chômage excessif des jeunes et des moins jeunes et surtout le logement. Il s’agit de défis majeurs qui favorisent le repli identitaire, la ghettoïsation ethnique et la communautarisation. Cette dernière est une entrave majeure au développement du dialogue entre les cultures et les communautés. On s’attend à 200.000 nouveaux Bruxellois d’ici 2020. Il faudra les loger ! 2.400 logements sociaux sont inutilisables par manque d’entretien et de rénovation. C’est vraiment une très mauvaise nouvelle quand on sait que 26.000 candidats locataires sont sur liste d’attente.

Aucun commentaire: