jeudi 2 avril 2009

Vandaag strandt de Moslimexecutieve

Tot nu toe is te vaak de indruk gevestigd dat de moslimgemeenschappen een paternalistisch ingestelde, zorgende (en controlerende) overheid nodig hebben
Adriaan Overbeeke vindt dat de overheid gefaald heeft. Hij is verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Vanaf vandaag is de Moslimexecutieve niet meer officieel erkend als islamrepresentant. De erkenningstermijn, vastgelegd in een Koninklijk Besluit van 9 mei 2008, is gisteren verlopen. 'Men is geneigd om dit als een probleem voor de islamitische gemeenschappen te beschouwen', schrijft professor en jurist Adriaan Overbeeke, die de kwestie al jaren bestudeert. 'Er is echter eerst en vooral een probleem voor de overheid die op allerlei domeinen grote behoefte heeft aan vertegenwoordigers voor de islamitische gemeenschappen.'

De islam is sinds 1974 erkend en heeft daarmee bijvoorbeeld recht op overheidsbezoldigde bedienaren, godsdienstleraars en aalmoezeniers. Met het einde van de erkenning van de Moslimexecutieve verliest de overheid nu haar enige 'officiële' moslimrepresentant. Hoe moet het verder?

Omdat er lang onzekerheid bestond over de vraag wie namens de islam kon spreken heeft minister van Justitie Stefaan De Clerck in 1998 gezorgd voor een novum in ons eredienstenregime: moslimverkiezingen. Op basis daarvan (en van een omstreden overheidsscreening) kreeg België voor het eerst een homemade hoofd van de eredienst, een bij Koninklijk Besluit erkende moslimexecutieve. Critici stelden dat de overheidsbemoeienis hier wel erg ver ging, maar die kritiek werd gesmoord in een bijna algemeen enthousiasme.

Het enthousiasme bleef niet, de eerste Executieve net zomin. Na veel gekrakeel maakte hij plaats voor een Executieve-bis, in 2003. Minister van Justitie Onkelinx trok de stekker er definitief uit in 2004. Zij verordonneerde én organiseerde op een drafje nieuwe moslimverkiezingen, via een spoedwetje. Moslims en moslimorganisaties die meenden dat de overheid hier buiten haar (grondwettelijke) boekje ging, vingen bot bij het Grondwettelijk Hof. Na de verkiezingen van 2005 trad zo een nieuwe Executieve aan. Opnieuw was er twist en vooral gedoe over geld. Weer ruimde een Executieve plaats voor een opvolger in 2008. Dit orgaan - dat nog steeds bestaat maar waarvan de erkenningstermijn dus gisteren eindigde - zag voor zichzelf een bijzondere taak weggelegd, namelijk "overleg te plegen met alle geledingen van de islamitische gemeenschap om een beter geschikte vorm te zoeken voor een representatief orgaan van de islamitische eredienst in België" en daarnaast zorgen ze "voor continuïteit in afwachting van de overgang naar andere structuren." Uit deze tekst, geciteerd uit het Belgisch Staatsblad, blijkt dat het voor deze Executieve volkomen helder is: er moet iets beters komen dan wat er nu is.

Mogelijk nieuwe moslimverkiezingen
Vanaf vandaag is het speelveld weer vrij. De overheid lijkt daarbij wel weer (even?) de greep kwijt te zijn op de organisatie van de islam. Van het resultaat van het "overleg met alle geledingen van de islamitische gemeenschap", van "beter geschikte" representatievormen en van de "overgang naar andere structuren" is nog niets bekend. Ondertussen staat de federale overheid (maar ook alle gewesten en gemeenschappen) met lege handen. Welke kanten kan de overheid op? In het besluit dat de laatste Executieve instelde wordt niet alleen melding gemaakt van de mogelijkheid van andere structuren, maar ook van een eventuele verlenging van de erkenning. En dan is er natuurlijk de mogelijkheid van nieuwe moslimverkiezingen.

Het verlengen van de erkenning is een kleinigheid: een nieuw besluit volstaat. Dit zou echter niet verstandig zijn. De in 2005 erkende Executieve had een gebrek aan electorale representativiteit, want de moslimverkiezingen waren door het wegblijven van veel moslimkiezers, vooral Marokkaanse, mislukt. De in 2008 aangestelde Executieve-bis treft dat oordeel in versterkte mate: de individuele leden van de in 2005 aangetreden Executieve hadden 33,4 procent van de uitgebrachte stemmen achter zich, de huidige nog slechts 19,5 procent. Op die ontsnappingsroute van de verlenging wordt nochtans serieus gerekend door Stefaan De Clerck. Op zijn website houdt hij die mogelijkheid open, "indien de Moslimexecutieve aantoont dat zij naar behoren kan functioneren als medium tussen de overheid en de moslimgemeenschap." En dan is er natuurlijk de Onkelinx-aanpak: gewoon opnieuw moslimverkiezingen organiseren. Qua regelgeving een fluitje van een cent, gewoon een copy and paste van het spoedwetje van zomer 2004. Bovendien lijkt het Grondwettelijk hof deze formule, overheidsingrijpen in de organisatie van de islam, niet af te wijzen. We kunnen aannemen dat de huidige minister Stefaan De Clerck, architect van de eerste moslimverkiezingen, die route niet zomaar zal kiezen. Een ezel stoot zich in 't gemeen niet tweemaal aan dezelfde steen....

Blijft een laatste formule, een zoeken naar "andere structuren" in de kring van de moslimorganisaties die zich met de godsdienstuitoefening bezighouden. Daarbij hoeft niet te worden vastgehouden aan een unitaire, via landelijke verkiezingen tot stand gebrachte moslimrepresentatie. Een formule waarbij gebruik kan worden gemaakt van de reeds op het grondvlak bestaande organisatiestructuren (met name moskeekoepels), waarbij aan moslims qua organisatie de ruimte wordt gelaten die de Belgische staatsorganisatie kenmerkt: pluriformiteit, eventueel verdeelde bevoegdheden, eventueel meerdere bevoegde organen met elk een eigen achterban.

Het zou eigenlijk wel eens mogen, na tien jaar staatsorganisatie zonder succes. Wel moet worden erkend dat het veel betrokkenen zo langzamerhand aan enthousiasme zal mankeren: er is al zoveel vergeefse energie gestoken in het verkiezingsmodel en in de daarbij op poten gezette organisatiestructuren. Maar wellicht minstens zo belangrijk: het wordt tijd dat de overheid haar eigen rol onder de loupe neemt. Tot nu toe is de indruk gevestigd dat de moslimgemeenschappen een paternalistisch ingestelde, zorgende (maar ook controlerende) overheid nodig hebben. En alle gedoe rond bij de Moslimexecutieve spelende financiële kwesties doet sommigen vermoeden dat er voor overheidsbemoeienis en -controle álles te zeggen valt. Maar misschien is het brokkenparcours van de Executieve eerder te wijten aan een tekort, dan wel aan een teveel aan ruimte voor zelfstandige organisatievorming.
(De Morgen)

Aucun commentaire: