jeudi 11 mars 2010

CONGO

YVES DESMET

Een echte verrassing kan je de beslissing van het kernkabinet om koning Albert uit te sturen naar de plechtigheid rond de 50ste verjaardag van de onafhankelijkheid van Congo niet noemen. De Belgische excellenties die de afgelopen en komende tijd Congo met een bezoekje vereren, moeten stilaan wachtnummertjes trekken om elkaar niet voor de voeten te lopen. Nochtans delen de Europese Commissie, diverse mensenrechtenorganisaties en vele onafhankelijke waarnemers de analyse dat Congo bestuurd wordt door mensen die er, naast het realiseren van buitensporig zelfgewin, alleen in geslaagd zijn zowat alle infrastructuur en staatsorganisatie van hun eigen land te laten verkommeren. De dagelijkse leefomstandigheden verslechteren, de corruptie neemt alleen maar toe en in de conflictgebieden gedragen de eigen soldaten zich als oorlogsmisdadigers.

Mocht de koning zich in die situatie beperken tot het minzaam bekijken van het defilé en het drinken van een glas champagne met Kabila, dan zou hij alleen deze mensen prestige en legitimiteit geven, en zou zijn bezoek een kaakslag zijn voor de gewone Congolees en voor eenieder die wel bekommerd is om de toekomst van Afrika in het algemeen en Congo in het bijzonder.

Mocht je van oordeel zijn dat een boycot van de diplomatieke relaties contraproductief zou werken, en dat een bezoek dus niet geweigerd kan worden, dan stelt zich de vraag welke boodschap de koning daar namens de Belgische regering zal brengen.

Belangrijker dan het symbolische bezoek is immers de vraag welk Congobeleid deze regering nu eigenlijk heeft, want daarover bestaat sinds het vertrek van Karel De Gucht op Buitenlandse Zaken de grootste onduidelijkheid. Welke eisen stelt België aan het verderzetten van de ontwikkelingssamenwerking, welk traject ziet men naar verdere democratisering en de heropbouw van de staatsstructuur, met welke middelen denkt men een einde te maken aan de conflicten die het afgelopen decennium miljoenen slachtoffers hebben gemaakt? Hoe zal men de verkiezingen in 2011 ordentelijk laten verlopen?

Als het enige antwoord van de Belgische regering op die vragen een handdruk van de koning met Kabila is, vergezeld van oorverdovend zwijgen, zou dat bijzonder beschamend zijn.

ALBERT, LA MAIN TENDUE , LES YEUX OUVERTS
COLETTE BRAECKMAN

Descendant de Léopold II, que les Congolais considèrent comme fondateur de leur pays, frère de Baudouin, qui présida à l'indépendance, Albert II sera tributaire du passé. De ce lien si personnel qui unit la monarchie à son ancienne colonie.
Le Roi des Belges sera aussi le symbole des relations particulières qui se sont nouées entre les deux pays : tissées de savoirs et de passions croisées, d'amour et de haine, de métissages et de malentendus… Mais au-delà, la présence d'Albert sera un formidable encouragement adressé à ces millions de Congolais qui, malgré les agressions, les guerres et les faillites de leur Etat, se sont engagés pour maintenir la pérennité de leur pays, préserver son unité et aujourd'hui tenter de le reconstruire. Cette œuvre-là est celle des dirigeants actuels. Et si leurs tâtonnements, leurs compromissions doivent être dénoncés, les efforts déployés pour stabiliser les institutions et rétablir la paix méritent d'être soutenus. La bouteille n'est pas encore à moitié pleine, mais hier encore elle était sur le point de se briser et seuls les aveugles peuvent prétendre que rien n'a changé !
Les interlocuteurs du Roi seront les représentants des institutions, les dignitaires du régime, bien imparfaits encore, et il sera tentant de les critiquer. Mais ce qui importe, c'est qu'au-delà des personnes, le Congo est engagé dans un processus démocratique, il s'est doté d'une Constitution, ses acquis actuels étaient impensables voici dix ans.
Toutes ces victoires méritent d'être reconnues et consolidées, avec empathie et lucidité. Et les dirigeants congolais doivent être exhortés à respecter leurs propres engagements.
En outre, alors que la Belgique a renoncé à bien des ambitions économiques ou géopolitiques, c'est vers le peuple congolais que doit se tendre la main du Roi des Belges, avec compréhension et respect, pour l'aider à croire en lui-même. Et lui permettre de construire sa deuxième, sa vraie indépendance.

LEVE ALBERT! LEVE KABILA!
PETER VANDERMEERSCH

Hij komt! Hij komt! De grote lieve vorst! Zo moet er gisteren in Kinshasa zijn gereageerd op de blijde mare dat de Belgische koning Albert eind juni naar Congo gaat om er de vijftigste verjaardag te vieren van de onafhankelijkheid van de voormalige Belgische kolonie. Voor het eerst in een kwarteeuw zal een Belgisch staatshoofd voet zetten op Congolese bodem. De internationale diplomatieke waarde die aan dat bezoek gehecht wordt, kan nauwelijks worden overschat. De risico's die aan een dergelijke geste zijn verbonden, kunnen dat evenmin.
Voor alle duidelijkheid: de risico's zijn niet voor Congo. Het regime van president Joseph Kabila heeft vooral te winnen bij het bezoek van koning Albert. Nog niet zo lang geleden werd dat regime, zeer terecht overigens, zwaar aangepakt door de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht. Nu die naar Europa is vertrokken, hebben zijn voorganger Louis Michel (MR), zijn opvolger Steven Vanackere (CD&V) en twee vicepremiers Laurette Onkelinx (PS) en Joëlle Milquet (CDH) de weg geëffend voor het koninklijk bezoek. In plaats van afgeschilderd te worden als een onkundige staatsman die lak heeft aan mensenrechten kan Kabila straks koning Albert ontvangen op een reis die moet getuigen, aldus België, ‘van wederzijds respect'.

De risico's zijn er wel voor België. Koning Albert gaat naar een land dat in oorlog is. Een land waar de voorbije jaren in gewapende conflicten enkele miljoenen doden vielen. Een land waar de corruptie welig tiert. Een land waar de staat in veel maatschappelijke gebieden afwezig is. Een land waar mensenrechten met de voeten worden getreden. Een land waar het woord democratie een ranzige bijsmaak heeft. Een land waarvan het staatshoofd dat de koning straks in de armen zal sluiten, meer vrees dan respect afdwingt. Kortom, een land met een twijfelachtig regime, geleid door mensen van meer dan twijfelachtig allooi.

Het bezoek van de Belgische koning aan dat land zal door de voorstanders ervan uitgelegd worden als een aanmoediging voor Congo om nieuwe stappen te zetten in de ontwikkeling van zijn economie, van zijn democratie en van zijn rechtsstaat. Als de aanwezigheid van de koning daar kan toe bijdragen, kan de visite worden toegejuicht. In dat geval kan het bezoek een hoger doel dienen.

De waarheid zou echter pijnlijk anders kunnen zijn. De kans dat het bezoek gebruikt en misbruikt wordt door de huidige machthebbers in Kinshasa om zich vaster in het zadel te hijsen, is immens groot. In het vorstelijke Belgische bezoek zullen Kabila en zijn kompanen een legitimering op het allerhoogste internationale niveau van hun praktijken zien. De verantwoordelijkheid van het Paleis zelf, van de Belgische regering en van de Belgische diplomatie is dan ook immens. Het zou niet de eerste keer in vijftig jaar zijn dat we onze vingers branden aan onze oud-kolonie.

POURQUOI LE ROI DOIT ALLER AU CONGO
Colette Braeckman

Et si, tenant compte des critiques et du relevé argumenté de toutes les carences des autorités de Kinshasa, Albert II n’allait pas au Congo le 30 juin prochain, pour les cinquante ans de l’indépendance de l’ancienne colonie belge ? Fort bien. Ce désistement donnerait raison aux « réalistes » qui savent depuis longtemps que la Belgique , placée par hasard au cœur de l’Europe, n’a jamais été qu’un accident de l’Histoire. Rien de plus qu’un petit pays frileux dont les investisseurs redoutent des horizons africains dont ils ont naguère tiré tant de profits. Un pays qui a vendu ses banques, liquidé sa capacité industrielle et bradé ses ambitions. Un peuple égoïste qui tourne le dos aux illusions du passé et jouit encore des dividendes d’une réputation parfois surfaite…

Si le Roi ne se rend pas à Kinshasa, cela permettra aux Congolais d’enfin couper le lien qui les relie à l’ancienne métropole ; après avoir fait le « deuil du père », ils pourront, l’esprit tranquille, se tourner vers les nouveaux partenaires qui se bousculent et leur marquent les signes de respect dont la Belgique se montre si chiche…

Cette image-là correspond-elle à la réalité de notre pays, aux sentiments de notre population, aux vœux des Congolais ? Non, trois fois non. Pour beaucoup d’entre nous, le Congo c’est encore une Belgique qui sait déployer le meilleur de ses talents, ouvrir ses fenêtres vers de plus larges horizons. Une Belgique, qui, sur la scène internationale, s’est opposée au dépeçage de son ancienne colonie, a dénoncé une guerre atroce et parrainé les élections démocratiques qui ont refondé l’Etat. Une Belgique dépourvue de visées impérialistes mais dont l’autorité morale et la compétence sont reconnues lorsqu’il s’agit du Congo. Ne pas aller à Kinshasa, le 30 juin, c’est nier les dizaines de milliers de solidarités individuelles – parrainages, jumelages, envois de fonds, réunions d’information… – et congédier les missionnaires, volontaires, militants, anciens coloniaux… Y aller, c’est rendre un tribut à l’Histoire, l’écrire à l’endroit, reconnaître que les destins de deux peuples se sont croisés au XIXe siècle et demeurent liés au XXIe… Et, au-delà des contingences politiques, c’est prendre date pour l’avenir.

COMMENTAIRE DE DIVERCITY
«Si le Roi ne se rend pas à Kinshasa, cela permettra aux Congolais d’enfin couper le lien qui les relie à l’ancienne métropole ; après avoir fait le « deuil du père », ils pourront, l’esprit tranquille, se tourner vers les nouveaux partenaires qui se bousculent et leur marquent les signes de respect dont la Belgique se montre si chiche ». Argument décisif ! Décidément francophones et Flamands sont d’un avis opposé sur pratiquement tout. Quoiqu’on puise penser de Kabila et de son régime exécrable, le lien belgo congolais doit à tout prix être préservé. C’est cela aussi le dialogue interculturel !

Aucun commentaire: