vendredi 26 mars 2010

Obamadrama

Zonder schroom: ik was een ferme Obamafan, zag in hem veel hoop op een meer open, progressieve zelfs vriendelijke USA. Zoals velen snakte ik naar het einde van een desastreus Bushtijdperk, waarin de hele wereld (inclusief de USA) werd opgeofferd aan een rauw en meedogenloos kapitalisme, verpakt als enggeestig conservatisme.

Obama verpersoonlijkte vernieuwing, zou de eerste gekleurde president zijn en stond voor – naar USA-standaarden – uiterst vooruitstrevende gedachten: een sociale gezondheidszorg en het disciplineren van de farmaceutische industrie, beëindiging van de oorlogsexport (Irak, Afghanistan), sluiting van Guantanamo, respect voor homo’s in het leger, … voorwaar een top tien van goede voornemens die we alleen maar konden toejuichen.

Ruim een jaar later. Obama schippert zijn voorstel tot publieke gezondheidszorg met veel moeite doorheen het mijnenveld waarin ook zijn eigen partij graag explosieven verstopte. Het leek wel Goede Vrijdag: het was volbracht. Een gelouterde maar dolgelukkige president. Yes… he did it.

Ik kan me amper voorstellen hoe moeilijk en moeizaam deze president moet ageren en acteren. Ondanks het tweepartijensysteem blijkt de US-bevolking meer dan ooit een lappendeken van tegenstellingen, met grote conservatiefchristelijke groepen (the Bible Belt), een explosief groeiende latinobevolking, grootstedelijke progressieve, zelfs linkse kernen maar vooral een overweldigende verpaupering gesausd met restanten van een pioniersafkomst waarin wapens als paradoxaal symbool van autonomie én patriottisme gelden. Rare jongens die Amerikanen. Zonder enige schroom beschouwen ze zichzelf als gids en baken voor de ganse wereld. Met de implosie van de USSR verkleedden ze zich meer dan ooit als wijkagent van de wereld, niet vies van enig geweld bij (vooral veronderstelde) bedreigingen, met een mondvol democratische slogans in een autoritaire verpakking. Tegelijkertijd munt hun natie uit door een gigantische loonkloof, een waanzinnig hoog aantal gedetineerden – waarvan de grote meerderheid African Americans. De nog niet verteerde verwoesting van New Orleans (orkaan Katrina) maakte duidelijk hoe het Bushbeleid de slagkracht van de overheden uitholde en vleugellam maakte. Zou Obama deze sterke, overheersende tegenwinden kunnen weerstaan?

Tijdens de eerste maanden van zijn presidentschap taande mijn vertrouwen. De nieuwe president zou weliswaar Irak verlaten maar versterkte de Amerikaanse aanwezigheid in het bodemloze probleemgeval Afghanistan. Hij liet zich ongekend bij de uitvoering van nogal wat doodstraffen, negeerde het probleem van de homofobie o.a. in het leger… maar werkte blijkbaar koortsachtig aan zijn metaproject voor een algemene ziekteverzekering. De echo’s klonken eerder negatief: ’t zou hem niet lukken. Maar de stemming vorige week, hoe nipt ook, zette een voorlopig maar glorieus slotakkoord.

Toegegeven, als ik hem hoorde pleiten, vurig en overtuigd, met uiterst sociale argumenten, borrelde mijn nog niet gedoofde enthousiasme. Halleluja. Maar hoe straf is deze politieke overwinning? Het Knackvoorwoord van Rik Van Cauwelaert ontluistert krachtig, verwijst naar een pact met de farmasector, waardoor de president en de gezondheidszorg zich lieten ringeloren.

Ik blijf dus worstelen met het dilemma Obama. Gun ik hem het voordeel van de twijfel, waarbij ik besef met welke grote dosis pragmatiek en binnen welke krappe onderhandelingsmarges hij zijn politiek project kan concretiseren? Of geef ik ruimte aan mijn eerder cynische analyse dat hij, zoals ooit zijn voorganger J.F. Kennedy, vooral een mooiprater zal blijken die het oude, harde kapitalistische liedje verder zingt, maar met een mooiere stem en in een lieflijke toonaard? ’t Is nog te vroeg voor een antwoord ten gronde. Ondertussen koester ik mijn hoop op een Obamadrama met een gelukkige ontknoping. Of stel ik hier een contradictio in terminis?
Bert Anciaux

Aucun commentaire: