mercredi 11 août 2010

M. Stabenow: ‘In een Europa der regio’s zijn naties overbodig’

Michael Stabenow, Benelux-correspondent en Duitse Brusselaar © Bart Dewaele

Brussel - Op een korte onderbreking tijdens zijn studentenjaren na heeft Michael Stabenow altijd in België gewoond. Als zoon van een van de eerste eurocraten heeft hij de verandering van Brussel op de eerste rij meegemaakt. “Het respecteren van de taalwetten en het uitgroeien van de hoofdstad tot een grootstedelijk gebied hoeven elkaar niet in de weg te staan.”

‘Begrijp me niet verkeerd,” haast de journalist zich te zeggen, “een uitbreiding van het Brussels Gewest, dat is voor mij klinkklare onzin waarmee we ons in de 21ste eeuw niet meer zouden mogen bezighouden.” Zijn uitspraak is hem naar eigen zeggen ingegeven door zijn studies: aardrijkskunde en geschiedenis aan de universiteit van Freiburg, en een korte periode in het Verenigd Koninkrijk. Voorts heeft Stabenow, perfect Nederlandstalig, altijd in en om Brussel gewoond.

EURO-EXPO
Vader Stabenow werkte van in het Expo-jaar 1958 voor de Europese Commissie in Brussel. De jonge Michael, geboren in 1955, groeide hier op, ging hier naar school en zou voor het eerst kennismaken met taalperikelen toen hij zich als kind verwonderde over het bestaan van iets als het FDF. “Dat mensen van taal een politiek item maakten, vond ik toen heel verwonderlijk.”

Het zette geen rem op de taalontwikkeling van Stabenow zelf. “Brussel was vroeger nog een veel Nederlandstaliger stad, er leefden hier toen nog heel wat Zinnekes. Het dagelijkse leven speelde zich vooral in het Frans af, maar toch pikte ik ook vrij snel Nederlands op. Tegenwoordig gebruik ik zelfs meer Nederlands dan Frans, want in Europees Brussel is Engels de voertaal geworden.” Na enig freelance- en agentschapswerk kon Michael Stabenow voor de Frankfurter Allgemeine Zeitung
(FAZ) gaan werken. Dat was in 1990. De rol van Benelux-correspondent was hem, mede door zijn achtergrond, op het lijf geschreven.

Hoewel Stabenow zich in de eerste plaats Duitser voelt, beschouwt hij zichzelf als een Brusselaar. “Op het gebied van stedenbouw is Brussel erop achteruitgegaan,” vertelt Stabenow. “Als ik de Europese wijk die ik me herinner van toen ik kind was, vergelijk met nu, dan is het bijna rampzalig wat er gebeurd is.” De journalist prijst Brussel dan weer voor de vele parken en de vele verborgen groene tuintjes. Om de twee uitersten te illustreren opent hij het raam van zijn kantoor, in een zeldzaam gebouw uit de jaren 1920 in de Belliardstraat. Hij toont ons een lelijk betonnen gebouw met daarnaast een frisse, mooie boom.

BRUSSEL VLAAMS
Goed vindt Stabenow ook dat er een Brussels bewustzijn begint te komen, al is dat nog niet volwassen. “Het risico bestaat dat iedereen hier in zijn hoekje blijft zitten. De integratie baart me zorgen: Brussel is een stad met veel buitenlanders, en je hebt mensen die ofwel heel goed geïntegreerd zijn, ofwel helemaal niet. Nu, de stad heeft wel een traditie van omgaan met minstens twee culturen, dus denk ik wel dat het moet lukken. Brussel kan alleszins een voorbeeld zijn.”

Aan die dubbele cultuur hangt volgens de journalist wel een dubbelzinnigheid vast: wat wil Vlaanderen bereiken met Brussel als hoofdstad? “Enerzijds is er de beleidslijn om Brussel binnen Vlaanderen op te nemen, als Vlaamse hoofdstad met een Franssprekende meerderheid. Dat is de officiële zienswijze. Anderzijds zijn de meeste verdedigers van die doctrine slim genoeg om te beseffen dat er een andere oplossing voor Brussel bedacht moet worden. Een onderhandelde oplossing zelfs. Soms draait dat echter uit op een pleidooi om, wanneer er voor Brussel geen oplossing bedacht kan worden, de stad dan maar gewoonweg te laten vallen om tot een homogeen Vlaanderen te komen, al zal men dat nooit hardop zeggen. Een voorbeeld van die langzame mentale verlating vind ik bijvoorbeeld het feit dat de KUB (nu als onderdeel van de HUB, red.) Koekelberg heeft ingeruild voor het centrum van Brussel. De vraag die ik me dan stel, is of het bewustzijn langzaam is gegroeid dat Brussel weliswaar een stad is waar Nederlands een officiële taal is, maar waarmee de banden toch niet zo hecht blijken als men gewild had.”

“Een stad groeit, en dat moeten ze in Vlaanderen wel beseffen. Terwijl de Franstaligen moeten beseffen dat de taalgrenzen er nu eenmaal zijn en vastliggen. Die twee vaststellingen hoeven elkaar niet in de weg te staan. Want een stad die groeit, heeft niets met taal te maken. Taal is één zaak, geregeld in taalwetten, maar dat staat los van infrastructuur, economie en mobiliteit. Ik begrijp niet waarom een project als het GEN of Gewestelijk Expresnet zo lang blijft aanslepen, louter om politieke redenen. Dat kost de belastingbetaler handenvol geld.”

ZELFBEWUST
Het GEN-project typeert de Belgische mentaliteit voor Stabenow: aanmodderen. Er is daarbij volgens hem wel een subtiel verschil tussen Vlaanderen, waar er toch meer dynamiek is, en Wallonië. En toch: “In het algemeen hebben Belgen wel gemeenschappelijke kenmerken. Ze zijn redelijk tolerant, terwijl ze tegelijkertijd vrij teruggetrokken zijn. Een familievolk, eerder dan een volk
dat de boer op gaat.”

Dynamiek in Vlaanderen, al loert het gevaar van de emotionaliteit om de hoek. “In nationalistische kringen bepleit men de Vlaamse zaak vaak te emotioneel. Ik woon hier al lang, en mijn kinderen zijn altijd in het Nederlands naar school geweest, maar toch krijg ik het soms moeilijk als ik tegen Vlaamse vrienden of kennissen zeg dat ik sommige emotionele reacties niet goed begrijp. Wat die mensen maar moeilijk vatten, is dat de voorbije staatshervormingen – ook al beschouwt men die nog niet als voltooid – bijgedragen hebben tot een sterke identiteitsvorming aan Vlaamse kant. Vlaanderen heeft zijn zelfbewustzijn en gebruikt dat ook.”

“Het is van minder belang of er een onafhankelijk Vlaanderen kan ontstaan uit België. Dat is een debat uit een andere eeuw. In een Europa van de regio’s, dat Vlaams-nationalisten zelf bepleiten, zijn naties minder belangrijk. Dat zouden nationalisten zelf moeten beseffen wanneer ze enerzijds de regio Vlaanderen en anderzijds Europa meer zeggenschap willen geven. Het streven naar een Europa van de regio’s maakt natievorming en het debat erover in feite overbodig.”

“Maar dit land verandert, dat is nu eenmaal zo,” zou Stabenow al zeggen, nog in het begin van het gesprek.

COMMENTAIRE DE DIVERCITY
NO COMMENT
Put it in your pipe and smoke it!

Aucun commentaire: