samedi 28 août 2010

Nieuwe Brusselaars (8): Vladimir en Stanislava uit Servië

© LV

Brussel - Serviërs, ze trekken doorgaans niet de aandacht, behalve dan wanneer Partizan Belgrado op bezoek is. Toch vinden we er heel wat in Brussel. Vladimir en Stanislava wonen hier bij voorbeeld al tien jaar. "Tussen 1999 en 2002 kwam er een hele golf Servische IT'ers naar België."

Plaats van afspraak het restaurant Fin de Siècle in het centrum. "Eén van onze favoriete restaurants. We komen hier al negen jaar. Een van de obers komt uit Kosovo en spreekt Servisch. Hij vertelde ons dat de worst van de stoemp saucisse eigenlijk uit Roemenië komt..

Zonder Belgische blauwhelmen waren Vladimir (35) en Stanislava (33) nooit naar België gekomen. Dat ging zo. "Mijn oudere zus werd in de jaren 1990 verliefd op een soldaat van Belbat, het Belgische bataljon in Kroatië, en volgde hem naar Mortsel bij Antwerpen," vertelt Vladimir. "Toen wij in de zomer van 2000 bij haar op bezoek waren, besloten we ook hier ons geluk te zoeken."

En voor een IT'er lag het geluk in die tijd voor het rapen. "Het waren de gouden jaren voor de sector, voor het barsten van de bubbel. Ik had zes sollicitatiegesprekken in twee weken en kon in september al aan de slag. Ik was trouwens niet de enige. Tussen pakweg 1999 en 2002 kwam er een hele golf Serviërs naar België, vooral IT'ers. Omdat Serviërs niet erkend worden als vluchteling, is werk vinden naast studeren de enige manier om legaal naar België te komen. Enkele bedrijven raakten vertrouwd met de procedure en hebben opvallend veel Serviërs in dienst."

Het was wel even wachten voor Stanislava hem kon vervoegen. "Het duurde zes maanden voor alle papieren in orde waren. Daarna moest ik nog een jaar wachten voor ik aan effectief aan de slag kon als vertaler want als vrouw van iemand met een werkvisum mag je het eerste jaar niet werken."

Joego-club
De Servische gemeenschap valt nauwelijk op in Brussel. "De Serviërs zijn niet geconcentreerd in een bepaalde wijk," weet Vladimir. "De meesten die wij kennen wonen wel min of meer in het noordoosten van het gewest, dicht bij de vele bedrijven in Diegem en Zaventem."

Bovendien heeft de gemeenschap relatief weinig ankerpunten in de stad. "Er is een Servische kerk in Molenbeek maar daar gaan we enkel op feestdagen naartoe. In het centrum schijnt er een discotheek te zijn waar veel volk uit het voormalige Joegoslavië komt maar daar zijn we nog nooit geweest."

Hoe is trouwens de verhouding met Kroaten, Bosniërs... zoveel jaar na de oorlog? "We hebben hier vrienden uit Slovenië, Bosnië en Kroatië," klinkt het. "In Kroatië zou een gesprek al eens op ruzie kunnen uitdraaien maar als we hier Kroaten tegenkomen op restaurant is de sfeer anders. In een vreemde omgeving komen onze gelijkenissen meer naar boven. Als een Vlaming en een Nederlander elkaar ontmoeten in Japan zullen ze ook vaststellen dat ze in vergelijking met de Japanners enorm veel gemeen hebben."

Geen voedselnostalgie
Tijdens het gesprek doen we ons te goed aan ribbetjes, carbonnade en stoemp. Mijn gasten zijn overduidelijk fans van de Belgische eetcultuur. "Last van voedselnostalgie hebben we zeker niet," zegt Vladimir. "Eerder het tegendeel, als we in Servië op vakantie zijn, verlangen we al snel naar het eten niet hier. De Belgische keuken is lekker maar het is meer dan dat. Er is een groot aanbod aan verse producten. Het zit ook in de cultuur. In Servië zijn er mensen die enkel eten uit noodzaak, gewoon om de honger te stillen. Hier ben ik nog niemand tegengekomen die niet graag eet."

De eerste kennismaking met België was niet geheel toevallig gastronomisch. "Toen mijn zus terugkwam van haar Belgische soldaat bracht ze Belgische chocolade en Belgisch bier mee... als jongen vond ik dat heerlijk. De eerste Belg die niet graag een glaasje alcohol drinkt, moet ik trouwens ook nog tegenkomen."

Serviërs in Vlaams Brussel
Opmerkelijk is dat Vladimir en Stanislava na al die jaren in Brussel quasi perfect Nederlands spreken. Hun Frans is daarentegen eerder beperkt. "Dat was zeker geen bewuste keuze maar is natuurlijk gegroeid," aldus Vladimir. "In mijn sector werkte ik altijd vooral met Vlamingen dus was het logisch om Nederlands te leren. Vlamingen en Franstaligen praten er trouwens vaak in het

Engels met elkaar."
"Ik heb Duits gestudeerd en dus was Nederlands maar een kleine stap," zegt Stanislava. "We zijn al eens begonnen met Franse les maar het wilde niet echt vlotten." En dus traden Vladimir en Stanislava toe tot het Vlaamse leven in de hoofdstad. "We gaan naar de Nederlandstalige bibliotheek en pikken al eens een evenement mee in een van de Gemeenschapscentra."

Uitgaan in Leuven
Na Etterbeek en Evere wonen Vladimir en Stanislava nu vlakbij het Meiserplein in Schaarbeek. Ze houden van Brussel maar ze ondervinden ook de nadelen van de grootstad. "Op veel plaatsen in de stad voel ik me niet op mijn gemak," aldus Stanislava. "Alleen zul je me daar dan ook niet zien. Ik ben blij dat ik weinig Frans versta en dus niet begrijp wat ze me toeroepen. Om met vrienden af te spreken, wijken we gemakkelijk uit naar Leuven."

"Laatst vertelde een blonde vriendin dat ze vlakbij het Zuidstation werd nageroepen dat ze beter een boerka zou dragen," vult Vladimir aan. "Dat sommige wijken, zelfs dichtbij het centrum en rond het belangrijkste station van de hoofdstad van Europa er zo verloederd bij liggen, kan ik niet begrijpen."

Ook voor de taalproblematiek is het koppel niet ongevoelig. "Er wonen vooral Franstaligen in ons gebouw. De communicatie met de syndicus gebeurt dan ook in het Frans. Als we Nederlands willen, moeten we extra betalen. Toch vreemd voor een tweetalige hoofdstad?"

Zoals zoveel tweeverdieners overwegen Vladimir en Stanislava soms om de stad te verlaten. "We denken er aan om naar Leuven te verhuizen maar voor het werk zitten we toch beter in Brussel," zegt zij. "Elke dag in de file zitten zien we niet zitten."
"Tegelijk houden we ook wel van het internationale karakter van Brussel," besluit hij. "De drukte stoort ons ook niet. En bovendien is er enorm veel groen in vergelijking met andere grootsteden. Het Zoniënwoud, het Arboretum in Tervuren... zoveel groen vlakbij de stad vind je nergens."

Servië in Brussel
Officieel wonen er zo'n 2.000 Serviërs in het gewest (naast meer dan 1.500 onderdanen van andere voormalige Joegoslavische republieken).

Servisch-orthodoxe kerk: Zwarte Vijversstraat 110, 1080 Molenbeek
Restaurant: Chumadia, Schotlandstraat 32, 1060 Sint-Gillis

Brusselnieuws.be reist de hele zomer de wereld rond ... in Brussel. Onze stad is immers meer dan ooit een bont lappendeken van minderheden uit de hele wereld. Elke week gaan we op zoek naar een gemeenschap die zich in recente tijden in Brussel heeft verankerd. Dit was de achtste en laatste aflevering: Servië.
(Laurent Vermeersch — brusselnieuws.be)

COMMENTAIRE DE DIVERCITY
TROP C’EST TROP
DiverCity adore cette série que Brussel Deze Week consacre au peuple bruxellois d’origine étrangère. En revanche, nous apprécions de moins en moins l’a priori anti francophone de l’intervieweur, visiblement plus soucieux de sacrifier au « Vlaamsgezinde » Zeitgeist induit en Flandre par la Deweveromania que de servir l’objectivité. Deux exemples : « Ik ben blij dat ik weinig Frans versta en dus niet begrijp wat ze me toeroepen », « De communicatie met de syndicus gebeurt dan ook in het Frans. Als we Nederlands willen, moeten we extra betalen. Toch vreemd voor een tweetalige hoofdstad?"
Trop c’est trop, nous déplorons ce genre de remarques aussi perfides qu’inutiles tout en appréciant la qualité rédactionnelle de B.D.W. (non pas Bart De Wever mais Brussel Deze Week). Il nous avait semblé que Brussel Deze Week était avant tout une publication soucieuse de promouvoir l’interculturel et le dialogue entre les cultures et les communautés, toutes les communautés, y compris la communauté francophone. Nous serions-nous trompés ?
MG

Aucun commentaire: