dimanche 12 juin 2011

Marc Didden: leve de Walen !


Marc Didden volgt alles wat los en vast hangt in de wereld van cultuur. Hier leest u wekelijks zijn bevindingen.

Dat de nieuwe parade-ezel van de N-VA er zelfs maar over durft denken het onderricht van het Frans af te schaffen zou wraakroepend zijn als het niet van zo’n ontstellende dommigheid zou getuigen


Mijn peetvader was van Tubize. En de man van mijn meter was van Salzinnes, bij Namen. Brave mensen waren het. En vriendelijk, net zoals de meeste Walen die ik ken.

Lui waren beide heren ook al niet, want ze hebben zich tot de laatste dag van hun werkend leven krom gewerkt voor een bescheiden loon, in staatsdienst.

Ze hebben ook nooit uitkeringen ontvangen van die staat, zelfs niet om er zonnepanelen mee te kopen. Ze spraken ook een heel eigen soort van Nederlands, omdat ze toch een beetje de taal wilden spreken van de vrouwen van over de taalgrens op wie ze verliefd geworden waren en daarna zelfs mee getrouwd.

Iedereen van mijn familie vond hun omgang met ons vocabularium, onze spraakkunst en onze tongval eerder charmant en ik zweer dat ik geen van die twee nonkels, in het Frans of in het Vlaams, ooit één lelijk of onvertogen woord horen zeggen heb over de Vlamingen of enig ander zogezegd verdrukt volk.

Mijn ene nonkel (Gustave) dronk soms wat te veel Ginder Ale en de andere (Albert) soms wat te veel Lamot, maar zelfs wanneer de drank zijn werk gedaan had was hun discours altijd goedlachs. Ze waren allebei door en door mensch en ook daarom voelden ze zich vanzelfsprekend diep verbonden met de gens du Nord die ons deel van de familie uitmaakten.

Ze hielden ook dolveel van België, die twee.

Ik vermoed dat zoiets ook kwam omdat ze in naam van de inwoners van dat land tijdens Wereldoorlog II een tijdje tegen hun zin maar met waardigheid in een moffenkamp moeten gaan zitten zijn.

Gentlemen, dat waren het.

Wat een verschil toch met de domme en racistische praat die allemaal uit die kop van de nieuwe parade-ezel van de NV-A komt. Een man met de moraliteit van een platvis die blijkbaar zelfs niet een beetje tegengesproken wordt door de hopmannen van zijn kiesvereniging.

Dat zo iemand er zelfs maar over durft denken het onderricht van het Frans af te schaffen - net op een moment dat de kennis van die wondermooie wereldtaal in deze streken op een zeer laag pitje brandt - zou wraakroepend zijn als het niet van zo'n ontstellende dommigheid zou getuigen.

Helemaal zum kotsen is de uithaal naar de Franstalige politici die zogezegd voortdurend onze taal verkrachten. Een stuitend gemene opmerking van iemand die oud genoeg is om de tijd nog te gekend te hebben toen geen enkele francofone politicus zelfs maar één enkel gebenedijd woord Nederlands kon of wilde - dat laat ik even in het midden - spreken.

KWADE TROUW IS HET, NIETS ANDERS.

Rudy Demotte, Didier Reynders, Paul Magnette, Olivier Deleuze, de jonge Wathelet, de kleine Michel: ze spreken allemaal zeer behoorlijk Nederlands, dat zeker niet veel slechter is dan het Frans (én het Nederlands) van de gemiddelde Vlaamse politicus.

Charles Picqué, Joëlle Milquet, Laurette Onkelinx: ze doen hun best en alleen daarom al vind ik dat ik het hoffelijker zou zijn, en ook voor iedereen duidelijker en genuanceerder, indien Vlaamse mediamensen hen in het Frans zouden ondervragen, en dan liefst ook nog wat correct Frans, zonder meteen op dat storende en al te familiaire getutoyeer over te schakelen.

TV-Brussel hanteert in deze materie de juiste filosofie, denk ik: In het Nederlands als het kan, in het Frans als het moet.

Met het gevolg dat ook de burgemeesters van Schaerbeek en Etterbeek, allebei FDF, tegenwoordig in het Nederlands antwoorden wanneer hen op mijn stadszender een vraag gesteld wordt.

Bart De Wever vindt het dus niet nodig zijn nieuwbakken Advocaat van de Dwaasheid terug te fluiten, omdat die "het buikgevoel van de Vlaming perfect weergeeft" of iets van die strekking. Wel, ik geloof u niet, Mijnheer De Wever, want de meeste Vlamingen die ik ken houden van het Frans en de Franse cultuur, en ze haten de Walen ook al niet, en ze nemen het sommige Waalse politici zeker niet kwalijk dat ze het wat moeilijk hebben met onze en andere talen. En ze zouden ook nooit lelijke dingen zeggen over mijn nonkels Gustave en Albert. En zwijg in het vervolg alstublieft over dat buikgevoel, Mijnheer De Wever, want daarover weet ik minstens evenveel als u.

Van Walen gesproken : ik ben u de afgelopen weken vergeten te zeggen hoe mooi ik Le Gamin Au Vélo van de frères Dardenne wel vond. Cinema in zijn puurste vorm : een onderwerp, een verhaal, een paar goede acteurs en een camera.

Een, eerder hoopvolle, vertelling over het verlies van onschuld en wat daar allemaal gepaard mee gaat. Over de onmogelijkheid die sommige mensen in zich dragen om zelfs maar van hun kinderen te houden, bijvoorbeeld. Over hoe moeilijk het is in de ware wereld te stappen als je jeugd je ontstolen is.

De hele film - een eerder korte en rigoureuze oefening in schijn-eenvoud - is andermaal een bewijs dat de gebroeders Dardenne, net als veel van hun Waalse en Franstalige collegae (ik denk dan aan het werk van Joachim Lafosse, aan dat van Bouli Lanners, en aan de films van die goede oude Jaco Van Dormael) hun publiek als volwassenen beschouwen.

Thomas Doret, de 'gamin' van de bewuste 'vélo' is weliswaar verbluffend als Cyril in deze film, maar helemaal uitzonderlijk is de acteerprestatie van Cécile de France als de kapster Samantha, die misschien het eerste menselijke wezen is dat de kleine Cyril iets van liefde zou kunnen meegeven in zijn nog prille en koude bestaan.

Cécile de France speelt die Samantha met een intelligentie en een intensiteit die ik nog maar zelden gezien heb in een film en ze doet dat bijna onopvallend. Omdat ze weet dat niet zij belangrijk is, maar wél het verhaal dat ze mee helpt vertellen.

Cécile de France, die eigenlijk van Namen is, net als mijn nonkel Albert, je vous aime du fond de mon coeur.

COMMENTAIRE DE DIVERCITY
MARC DIDDEN, JE VOUS AIME DU FOND DE MON COEUR.

1 commentaire:

Milan P a dit…

Dat heb je mooi gezegd, Marc. Ik ben het volkomen met je eens.

Ik heb ook al herhaaldelijk gesteld dat ik naar Wallonië verhuis als Vlaanderen zich onafhankelijk verklaart.