jeudi 22 septembre 2011

Waarom gaat het nu wel en snel?

Auteur: Guy Tegenbos

458 dagen lang hebben de burgers niet begrepen waarom het niet vooruitging in de federale onderhandelingen. Sinds de 459ste dag begrijpen ze niet waarom plots alles wel en zelfs snel lijkt te gaan.
Sinds vorige donderdag een akkoord bereikt werd over de kieskring BHV, lijken de partijen het al bijna eens geworden te zijn over een hertekening van Brussel, is er een akkoord over de financieringswet in het verschiet, en een over de bevoegdheidsoverdrachten.

Hoe kan dat zo plots?

Het ís niet uit te leggen.

Vijf elementen helpen een beetje om het toch wat te begrijpen.

Ten eerste: de gemeenschappelijke kiezelsteen in de schoen is weg. Voor alle acht partijen was BHV een heel vervelende kiezel in de schoen. Als die plots min of meer verwijderd is, genieten ze daar alle acht voluit van, en dat wekt een positieve dynamiek.

Ten tweede: 'We kunnen niet meer terug'. Om die kiezelsteen te verwijderen hebben ze alle acht toegevingen moeten doen die ze niet aan de achterban verkocht krijgen, als ze mislukken in het verdere tracé. Ze kunnen dus niet meer achteruit, ze moeten nu wel doorgaan.

Ten derde: er staat een gemeenschappelijke boze wolf buiten. De N-VA - die aanvankelijk zowel door de Franstalige als de Vlaamse partijen als onmisbare partner werd beschouwd - staat nu buiten aan de deur heen en weer lopend te grommen. Als de Vlaamse partijen die binnenbleven, mislukken, eet hij hen electoraal allemaal op. En dan krijgen de Franstalige partijen hem overmorgen onontwijkbaar tegenover zich aan tafel, en zal hij nog sterker en hongeriger zijn. Door zijn dreigende aanwezigheid kunnen de onderhandelende Vlaamse partijen niet minder eisen dan hij geëist zou hebben als hij nog mee aan de tafel zat, en moeten de Franstalige partijen nu minstens evenveel toegeven dan wanneer hij nog mee onderhandeld had.

Dat is de paradox voor de N-VA. Nu die partij niet meer aan de tafel zit, kan ze, onrechtstreeks, wellicht meer van haar programma gerealiseerd krijgen. Maar ze kan dat niet rechtstreeks op haar conto schrijven.

Dat wordt versterkt door een vierde regel: wie de dans leidt, betaalt het meest. De Vlamingen hebben dat decennia ondergaan: als een Vlaming de regering leidt, moet die allereerst tegemoetkomend zijn voor de Franstalige partijen. Nu Elio Di Rupo de dans leidt, moet hij in de eerste plaats tegemoetkomend zijn voor de Vlaamse partijen.

De vijfde verklaring is dat er geen Franstalige oppositie is. Alle Franstalige partijen hebben vreselijk veel electorale schrik van elkaar, maar zitten alle vier rond de tafel. Zij zouden nooit tot zulke toegevingen bereid geweest zijn als één van hen vanuit de oppositie kon schieten op de drie anderen.

Die vijf elementen verklaren niet alles, maar toch al iets.

COMMENTAIRE DE DIVERCITY
POURQUOI SOUDAIN TOUT VA SI VITE
458 journées d’attermoiement et soudain tout semble aller vite tellement vite ; pourquoi?
Selon Guy Tegenbos éditorialiste du Standaard cinq éléments ont joué de manière décisive:

Un caillou communautaire nommé BHV a été enfin retiré de la chaussure, ce qui a donné un nouvel élan à la marche des négociations.

Plus moyen de faire marche arrière sans perdre la face et surtout les prochaines élections. Il faut donc foncer.

Le loup N-VA est sorti de la bergerie. Regardé d’abord comme le partenaire incontournable par les francophones, il ronge désormais son frein loin de la table des négociations. Mais attention, en l’absence de la N-VA, les autres partis flamands sont dans l’obligation d’engrenger les mêmes résultats que s’il était dedans. Quant aux francophones ils sont condamnés à faire les mêmes concessions que s’il était là. En cas d’élections ce serait bien pire encore pour eux. Le paradoxe c’est que la N-VA est gagnante dans tous les cas de figure, qu’elle soit à la table des négociations ou pas. La différence: elle ne peut pas revendiquer la paternité des accords.

Celui qui dirige la négociation paye le plus gros prix “wie de dans leidt, betaalt het meest. Les Flamands en ont fait les frais pendant des décennies au profit des francophones. Désormais c’est Elio qui devra cracher au bassinet.

Il n’y a pratiquement pas d’opposition francophone, tant chacun des partis craignent les autres électoralement. Désormais ils sont tous à la table des négociations et ne peuvent plus tirer à boulets rouges sur les autres. Sauf le FDF qui veut tirer son épingle du jeu.

Die vijf elementen verklaren niet alles, maar toch al iets.

Cette analyse nous permet de comprendre ce qui pousse le FDF à rompre avec le MR et à rejoindre, tout seul l’opposition. Ce calcul pourrait fort bien lui rapporter un gros succès aux prochaines élections communales à Bruxelles et qui sait en Wallonie. On se souviendra que le FDF a constitué des listes en pays wallon aux dernières élections fédérales, à la grande colère du partenaire libéral.

Décidément le vivre ensemble est devenu un exercice difficile aussi bien en terre bruxelloise qu’en Belgique et en terre européenne.
MG

Aucun commentaire: