jeudi 19 avril 2012

Red Brussel: breid zijn grenzen uit

Bruxelles

Een grotere en beter geordende ruimte kan de demografische druk van de hoofdstedelijke ketel halen, stelt Bart Eeckhout .
De Morgen

In Congo zullen ze het niet graag horen, maar eigenlijk heeft Brussel een nieuwe Leopold II nodig

Over drie jaar staat Brussel in alle hippe architectuurblaadjes te blinken. In 2015 zal onze hoofdstad een internationaal publiek van stedenbouwers aantrekken enkel om met eigen ogen te aanschouwen hoe een verloren ruimte midden in de stad is omgetoverd in een duurzame voorbeeldwijk, waar goedkoop wonen en werken in een open groene ruimte samengaat met een uitdagende vormgeving, inclusief voetgangersbrug en state-of-the-art openbaar vervoer.

Ik schrijf dit zonder ironie. Vooralsnog. Wat hierboven beschreven is, zijn de bestaande plannen voor de zogenaamde Tivoliwijk, die als een groen hart ingeplant zal worden op de reusachtige site achter Tour & Taxis, midden in de ook vandaag helaas weer veelbesproken Brusselse Kanaalwijken. Die plannen zijn twee jaar geleden goedgekeurd. De eerste spade om de allicht zwaar verontreinigde oude spoorbedding te saneren, moet inmiddels nog altijd in de grond gestoken worden. En 2015 is niet zo gek veraf meer.

Intussen ligt de site er nog altijd bij zoals ik ze ken al van zolang ik zelf in de buurt woon: wraakroepend nutteloos, wachtend op een politicus met verantwoordelijkheid en visie. Ik blijf hopen dat de wijk er komt en Brussel, op het moment dat mijn zoontje dan voor het eerst met de fiets naar de lagere school mag, een paradijs van duurzaam en multicultureel samenleven zal worden. Europa is alvast iets sceptischer. De Europese Commissie haalde Brussel deze week van de kandidatenlijst voor 'groene hoofdstad 2014'. Eerst zien en dan geloven. Kun je het de eurocraten kwalijk nemen?

KIDNAPPING ALS TREND
Kan een groene wijk of een extra park verhinderen dat een dolleman een businspecteur doodslaat op straat? Natuurlijk niet. Het blijft jammer dat het een extreem dodelijk geval van verkeersagressie moest zijn dat aanleiding heeft gegeven tot alweer een debatje over de staat van de hoofdstad. Dit uiterst tragische incident heeft immers helemaal niets te maken met de staat waarin onze hoofdstad verkeert.

Begrijp me niet verkeerd, de leefbaarheid in Brussel en de veiligheid op straat en in het openbaar vervoer zijn best een pittige discussie waard. De architecten hebben er in ons land niet een week het werk voor neergelegd, maar uit dezelfde periode en dezelfde wijk halen we dit nieuwsbericht: in de Maritiemwijk is de Nederlandstalige zaakvoerder van een architectenbureau urenlang gegijzeld door twee gewapende gangsters. Ze dwongen hem zoveel mogelijk geld af te halen met zijn bankkaarten, begrepen niet dat je met een lidkaart van de bibliotheek geen geld uit de muur kunt halen en lieten hem uiteindelijk zijn familie bellen om nog meer geld af te troggelen. De man kon uiteindelijk ongedeerd ontsnappen.

Dit 'fait divers' - ik bezig de terminologie van de PS-burgemeesters Thielemans en Moureaux - is helaas geen uitzondering. Burgers op straat kidnappen en steamen dreigt een crimineel trendje te worden in deze wijk. De werknemers van de sinds vorig jaar befaamde reclamebureaus in de Maritiemwijk getuigden al over gelijkaardige feiten. De analyse over wat er zoal fout loopt hebben we evenwel al gehad. Misschien is het tijd voor een paar oplossingen?

REPRESSIE, OMDAT HET MOET
Dat repressie van dit soort angstaanjagende misdaadfenomenen slechts symptoombestrijding is - zoals mijn linkse vrienden graag zeggen - moeten we maar op de koop toe nemen. Als je koorts hebt, neem je ook een aspirientje en kijk je dan wat er verder nodig is om te genezen. Zo onmogelijk is het inperken van de misdrijven in de hoofdstad nu ook weer niet.

Brussel is immers helemaal niet de capital of crime die de buitenlandse media ervan maken. Door zijn erg specifieke sociologische geschiedenis - in tegenstelling tot in Parijs of Amsterdam werd de armoede niet naar de onzichtbare buitenwijken verdreven - heeft Brussel wel een uiterst onaangename openbare ruimte. Het is hier vuil, chaotisch en soms gevaarlijk op straat. Welke andere hoofdstad zou bijvoorbeeld tolereren dat een van zijn belangrijkste internationale toegangspoorten - het Noordstation - zou verworden tot een naar urine en uitwerpselen stinkend tentenkamp?

Met de juiste gerechtelijke prioriteiten kun je evenwel ook snel komaf maken met die tergend zichtbare criminaliteit. In drie puntjes: nultolerantie voor wangedrag op het openbaar vervoer; geen genade voor straatcriminaliteit; beschouw sluikafval als een ernstige stadskwaal en niet als een burgerlijk-elitaire verzuchting. Gevangenissen en instellingen vol? Geen nood, alternatieve straffen zijn minstens even heilzaam in een milieu dat leeft op gangstermythes. Zo moeilijk is dat toch allemaal niet?

Dat de openbare ruimte in sommige Brusselse wijken zo'n janboel is, komt natuurlijk ook omdat de bevoegde politici decennialang diezelfde ruimte verwaarloosd hebben. Ook nu er links en rechts wat beweegt - met name ook in de geviseerde Kanaalzone - blijft de publieke inrichting van de hoofdstad een festival van gemiste kansen, gebrek aan eenduidige visie en onwil om samen te werken. Het al gerenoveerde deel van de Kanaalzone is daarvan slechts een treurig voorbeeld.

In Congo zullen ze het niet graag horen, maar eigenlijk heeft deze stad een nieuwe Leopold II nodig. Vertaald naar dit democratisch tijdperk: een generatie politici met intellectuele verbeelding, durf en de daadkracht om die visie praktisch te vertalen. Wie de snelle urbanistische revolutie in sommige Vlaamse (Antwerpen, Leuven, Mechelen, Kortrijk) én Waalse (Luik) steden overschouwt, ziet meteen dat dat minder utopisch is dan het klinkt.

Wie de leefbaarheid in Brussel wil opkrikken, kan zelfs zo met de erfenis van het Leopold-tijdperk aan de slag. Behalve de site aan Tour & Taxis maken ook de negentiende-eeuwse grote parken van Brussel al een behoorlijk groene stad. Pas die parken - nu niet meer dan wat groene vlaktes met bomen en struiken eigenlijk - aan aan de noden van een moderne grootstad: met speelpleintjes, sportterreinen, een openluchtbad en picknickruimte, en klaar is Leopold 2.0. We vallen in herhaling, maar: zo moeilijk is dat toch allemaal niet?

DISTRICTBURGEMEESTERS
Zolang de bestuurlijke indeling van het stadsgewest blijft wat ze is, blijft elke hoop op een solide toekomstvisie evenwel ijdel. Alleen een interne staatshervorming kan Brussel de politieke kracht geven die een metropolis nodig heeft. De huidige en mentaal alreeds gepensioneerde minister-president Charles Picqué (PS) mag dat hét toonbeeld zijn van de visieloze bestuurder, enkel het gewestniveau is geschikt als draagvlak voor meer eenheid in het beleid. Alleen op die manier herstel je het gebrek aan financiële solidariteit tussen de arme, grauwe Molenbeeks en de rijke, groene Woluwes.

En ach, de negentien burgemeester-baronnen mogen hun sjerp behouden. Zij worden dan een soort ceremoniële districtsburgemeesters, belangrijk voor de nabijheidspolitiek en om de dalai lama te ontvangen op het stadhuis, maar voorts ontdaan van alle bevoegdheden die hun gemeentegrenzen overstijgen. Veiligheid, netheid, wonen en werken zijn te belangrijk om aan een burgemeester van PS of MR over te laten.

Even consequent zou het dan zijn om aan dat gewest ook een eengemaakt Brussels gemeenschapsniveau toe te voegen. Dat blijft vandaag met name aan Vlaamse kant een taboe, vanuit de vrees om in zo'n gemeenschap structureel in de minderheid gesteld te worden. Dat kan evenwel met een wettelijke grendel vermeden worden. Bovenal moeten Brusselse Vlamingen nu maar eens gaan beseffen dat ze van Vlaanderen niet te veel heil en centen meer moeten verwachten (hetzelfde geldt overigens evenzeer voor de Franstalige Brusselaars en Wallonië, alle Wallo-Brux-onzin ten spijt). In weerwil met de retoriek heeft Vlaanderen Brussel mentaal allang losgelaten. De staatkundige toekomst van Nederlandstalige Brusselaars ligt in een Brusselse, niet in een Vlaamse gemeenschap.

En nu we toch de Vlaamse taboes aan diggelen gooien: die metropolitane gemeenschap moet ook groter worden. Zolang Brussel opgesloten blijft binnen zijn te nauwe grenzen, zal de demografische en democratische druk op de snelkookpan te groot blijven. Als Vlaanderen Brussel echt wil helpen, dan legt het zich neer bij de sociologische realiteit dat enkele Vlaamse randgemeenten eigenlijk nu al bij Brussel behoren.

Democratisch zouden Vlamingen in een uitgebreider Brussel een veel logischere claim kunnen maken op meer inspraak en ander bestuur. Demografisch zou het vanzelfsprekend moeten zijn dat een ruimer gebied de bevolkingsexplosie opvangt in de 'stad van aankomst' die Brussel is. De migratie vanuit Brussel naar de rand legt ook nu al een grote druk op die 'grensgemeenten'. Zou samenwerking dan niet logischer zijn en tot een evenwichtiger aanpak kunnen leiden? Overigens is het ook nu al zo dat Brusselse kinderen schoollopen van Vilvoorde tot Asse.

Vecht geen oorlogen die je niet kunt winnen. Spreken over een wijziging van de territoriale grenzen is in het huidige institutionele klimaat zo'n onmogelijke strijd. Vanuit Brussels perspectief is het logisch, vanuit Vlaanderen wordt het beschouwd als een act of war. Aan de gewestgrenzen hoeft ook niet per se gemorreld te worden om een grotere, eengemaakte metropolitan community te creëren. Een democratisch gelegitimeerde nauwere samenwerking tussen stad en ommeland kan al een belangrijke stap voorwaarts zijn naar leefbaarder en fatsoenlijker bestuurd Brussel.

Het gaat nu heus niet meer om de futiele kwestie of er in Wemmel een bibliotheek met Franse boeken geopend mag worden. Het gaat om een solidaire en gedurfde herinrichting van de openbare ruimte voor alle leden van de hoofdstedelijke gemeenschap. Ook van hen die (nog) niet binnen de grenzen van de hoofdstad wonen.
COMMENTAIRE DE DIVERCITY
UN VISIONNAIRE SANS VISION


Bart Eeckhout a tout compris.
"Les Congolais ne vont pas aimer! Bruxelles a absolument besoin d'un nouveau Léopold II; autrement dit d'une génération de jeunes politiciens visionnaires, doués d'un bon bagage intellectuel et assez créatifs pour échafauder une nouvelle vision de Bruxelles et surtout de la mettre en oeuvre.
Gand, Anvers, Louvain, Malines, Courtrai, Mons, Liège..ont montré que cette démarche n'était pas si utopique que ça.
"Alleen een interne staatshervorming kan Brussel de politieke kracht geven die een metropolis nodig heeft."
Et d'ajouter que Charles Picqué n'a aucune vision d'avenir pour Bruxelles : de actuele en mentaal alreeds gepensioneerde minister-president Charles Picqué (PS) mag dat hét toonbeeld zijn van de visieloze bestuurder, enkel het gewestniveau is geschikt als draagvlak voor meer eenheid in het beleid.
Ce qui n'est pas tout à fait exact. En effet Picqué a fait faire de nombreuses études sur l'avenir de Bruxelles qui croupissent dans ses tiroirs. Son problème: comment réformer Bruxelles sans se heurter aux 19 vaches sacrées ?que sont les bourgmestres des 19 communes?
Picqué me fait penser au vieux commandant du Titanic. Il a d'excellentes et puissantes jumelles mais il les a oubliées dans un tiroir.
Surtout, il faut ouvrir d'urgence la boîte de Pandore de la communauté métropolitaine.
"De metropolitane gemeenschap moet ook groter worden. Zolang Brussel opgesloten blijft binnen zijn te nauwe grenzen, zal de demografische en democratische druk op de snelkookpan te groot blijven. Als Vlaanderen Brussel echt wil helpen, dan legt het zich neer bij de sociologische realiteit dat enkele Vlaamse randgemeenten eigenlijk nu al bij Brussel behoren."

"Aan de gewestgrenzen hoeft ook niet per se gemorreld te worden om een grotere, eengemaakte metropolitan community te creëren."
Il s'agirait, dans un premier temps de développer une coopération pragmatique entre les 19 communes et les communes limitrophes flamandes.
On lira avec attention l'article qui suit et avec amusement l'essai de traduction du magnifique texte de Hugo Camps: Brussel paru dans le Morgen de ce week-end.


FAUT-IL (ENFIN) REFORMER BRUXELLES EN PROFONDEUR ?

VERONIQUE LAMQUIN (Le Soir)

CHAQUE EVENEMENT DRAMATIQUE SUR BRUXELLES FAIT RESURGIR LA QUESTION DE LA GESTION DE LA CAPITALE. LA SOLUTION PASSE-T-ELLE PAR UNE REFORME EN PROFONDEUR DES INSTITUTIONS ?

Bruxelles = le Bronx ? Bruxelles, une poudrière ? Chaque événement dramatique fait resurgir ces questions. Autrement posées : Bruxelles est-elle une ville dangereuse ? Mal gérée ? Promise à un avenir des plus sombres ? Point de réponses définitives, mais des nuances, des explications.

Boom démographique, densité urbaine, chômage endémique,... la fracture sociale est béante à Bruxelles. Et elle ne fait que s'agrandir, scindant en deux camps (les précaires et les autres) tous les pans de la vie : le logement, l'enseignement, la sécurité, la qualité de vie…

Pour garantir à Bruxelles un avenir durable, il faut donc réduire cette fracture. Un chantier colossal, car il touche à tous les pans de la politique et nécessite d'importants moyens. Il faut, en effet, investir dans l'enseignement et la formation, offrir des infrastructures de qualité ; améliorer la qualité de vie, garantir la sécurité de tous, dans tous les quartiers. Air connu ? Assurément. Les défis sont identifiés depuis belle lurette, tout au plus se posent-ils avec davantage d'acuité chaque jour. Et pourtant rien ne bouge ? Si, mais lentement, difficilement.

BRUXELLES, C'EST LA VERSION CONCENTREE DE LA COMPLEXITE BELGE
La solution miracle ? Elle n'existe pas. Mais elle passe sans doute par une réforme en profondeur des institutions dans la capitale. Aujourd'hui, la lasagne décisionnelle bruxelloise se compose d'une couche fédérale, de plusieurs couches communautaires (les Communautés française et flamande, la VGC, la Cocof, la Commission communautaire commune), d'une Région, de 19 communes (et autant de CPAS), de six zones de police… Bruxelles, c'est la version concentrée de la complexité belge.

Vingt ans que cela fonctionne. Plus ou moins. Car, soyons lucides, chaque problème ou incident souligne aussitôt, par la multiplicité des acteurs publics qu'il concerne, L'IMMENSE COMPLEXITE BRUXELLOISE. Laquelle joue aussi de bien mauvais tours à la ville dès qu'il s'agit de faire preuve de vision, de développer une stratégie globale et cohérente.

Pour dire les choses autrement : il était, jusqu'ici impossible de discuter du transfert des compétences communautaires à la Région, ou de la fusion des communes. Impossible pour les Flamands : ils veulent garder, via la Communauté flamande (qui finance crèches, écoles, etc.), une mainmise sur Bruxelles. Onbespreekbaar pour les francophones : ils ne veulent pas renforcer les pouvoirs des 10 % de Bruxellois néerlandophones en transférant des compétences à la Région (où la parité linguistique est de mise) au détriment des communes. Enfin, il n'est simple pour aucun parti de renoncer à des parcelles de pouvoir (comme les communes).

SUJET TABOU ? PAS POUR NOUS
Sujet tabou ? Absolument. Le débat aura-t-il lieu ? Pas avant les élections communales (octobre 2012) en tout cas. Ni avant le scrutin régional (juin 2014). Pourtant, si la Belgique survit aux prochaines élections fédérales, elle serait inspirée d'enfin s'intéresser à sa capitale.

Johan Vande Lanotte, l'un des seuls à avoir osé redessiner la Belgique institutionnelle, ne cesse de plaider pour que l'on travaille, enfin, à une refonte majeure de l'organisation bruxelloise. En coulisses, certains francophones commencent à le dire. Un ténor ose même évoquer (en off) le modèle parisien : une mairie centralisée et des mairies d'arrondissement, comme « le seul qui fonctionne ». Combien de temps avant que le tabou ne saute?


COMMENTAIRE DE DIVERCITY

BRUSSEL

Si les Belges aiment leur capitale?

Ils en disent peu de bien.

Pas un seul poète urbain, pas le moindre sculpteur pour célébrer sa gloire.

Maudite, Bruxelles ne tourne pas rond.

Oser flâner dans les ghettos de Molenbeek et d'Anderlecht?

Mais quoi? Croire qu'on est plus en sécurité en banlieue parisienne?

A Bruxelles 19 baronnets communaux déconnent dans leur aveuglement électoraliste.

Quid de la transparence? Tonton d'abord! Pour les autres on verra après. C'est pas vraiment faux tout ça. Honnie sois-tu, crasse urbaine omni présente.

Les canettes de bière vide, les mégots de cigarettes, on finit pas s'y faire et aussi à la saleté qui vole en tourbillons. N'allez surtout pas imaginez les trottoirs plus propres dans les rues d'Anvers. A Gand peut-être.
Qu'on ne vienne pas me chanter que les cités riantes de Flandre débordent de zèle citoyen. Ni mieux, ni pis qu'ici.

Puisqu'on a fini par trouver des ministres capables de scinder BHV, pourquoi ne pas plébisciter un génie politique capable d'incarner la gouvernance métropolitaine? Y en a pas un, je vous le dis, pas un seul.

Pardon, c'était pour rire!

Laissons donc croupir Bruxelles poubelle dans son esthétique de délabrement.

Berlin, New-York, Amsterdam furent encensées par des hommes d'Etat. Imagine-t-on Kennedy hurlant "ich bin ein Brusseleir"?

Carrément à côté de ses pompes ce Kennedy!

Bruxelles, ma belle, figée dans le regard hostile d'une haine tutélaire. .

Salut à toi, Tom Lanoye, prince des poètes urbains; ne voudrais-tu pas emboucher une dernière fois la trompette de la renommée pour célébrer Bruxelles, comme seul Brel avait su le faire?

d'après "Brussel" de Hugo Camps dans De Morgen de ce week end.

Aucun commentaire: