mardi 25 décembre 2012

Brieven uit Brussel: De Vlaamse bril


De Morgen

Over de Brusselse jeugd. Alsof in Brussel maar één soort jongere bestaat. De Morgen en politiek filosoof Bleri Lleshi lanceren daarom 'Brieven uit Brussel'. Elke donderdag, tien weken lang, laten we Brusselse jongeren aan het woord.

Vandaag: Ibrahim Üçkuyulu (22), Brusselaar en student sociaal werk.

Soms vergeet ik mijn pen om mijn treinkaart in te vullen. Het gebeurt dat ik drie wagons ver moet voor iemand me zijn pen leent

Ik ben Ibrahim Üçkuyulu. Ibrahim is de Arabische naam voor Abraham, toch ben ik geen Arabier. Ik ben een Turkse jongen. Ik ben net zoals mijn ouders moslim. Ik ben geboren in Gent en verhuisd naar Brussel toen ik zes was. Ik ben opgegroeid in Sint-Joost-ten-Node, de meest multiculturele maar ook de armste gemeente van Brussel en van België.

In mijn omgeving woonden alleen maar allochtonen. Het was daar leuk maar op een dag merkte ik dat mijn leven verder ging dan de straat of de buurt waar ik woonde. Want veel mensen in Sint-Joost-ten-Node zijn werkloos, kunnen nog altijd de taal niet spreken, en sommigen hebben het moeilijk om zich te 'integreren'. Ik dacht van mijzelf dat ik dat wel kon, en dat ik later
kon veranderen in mijn gemeente, in Brussel. Ja, zelfs in heel België.

Ik zou graag willen dat Brussel er over tien of twintig jaar helemaal anders uitziet. Als ik nu mijn ogen dichtdoe en over het Brussel van de toekomst droom, dan zie ik vrolijke gezinnen, mensen die vriendelijk met elkaar omgaan, kinderen die allemaal studeren en die gebruik kunnen maken ook van hun thuistaal, meer ontspanningsruimten voor (hang)jongeren, taalcursussen voor nieuwkomers en ouderen, weinig verkeerslast of lawaai en meer groen in de wijken. Ik besef het wel: om dit te realiseren is er visie nodig, afspraken, veel inzet en verdraagzaamheid.

Alleen kan ik die verandering niet realiseren, maar alle beetjes helpen. De vele (meestal valse) beloftes van de politici zijn we ondertussen gewoon. Net zoals de weinig constructieve mening en standpunten van sommigen in onze samenleving. Maar ik ben ervan overtuigd dat er duizenden andere Brusselaars net zoals ik geloven dat dingen kunnen veranderen. Het is juist met die mensen dat men iets kan bereiken. Heel veel zelfs.

Een van de belangrijkste doelstellingen die ik al jaren in mijn hoofd heb, is de volgende: de kijk van de autochtonen veranderen. De Vlaming uit zijn nest halen. De Belgen confronteren met de werkelijkheid. Brusselaars, allochtonen, meertaligen, buitenlanders, die zijn er allemaal, inderdaad. Waarom horen we alleen maar negatieve dingen over de allochtonen, over de Brusselaars, over de jongeren?

Ik studeer in Leuven. Een bewuste keuze om wat afstand te nemen van Brussel. Ik heb er veel uit geleerd. Over de Vlamingen en hoe ze in elkaar zitten, maar ook over hun stereotypes over mijn stad en de allochtonen.

Ik zit vaak in de trein tussen Brussel en Leuven. Vaak word ik raar bekeken door de mensen. Ze denken meestal dat ik hun handtas of gsm zal stelen. Misschien is dat niet zo, maar zo voelt dat aan. Alsof ik een bedreiging zou zijn.

Soms vergeet ik mijn pen op kot om mijn campuskaart in te vullen. Het gebeurt dat ik eerst drie wagons moet rondlopen eer dat ik aan een pen kom. Sommige mensen zeggen gewoon neen, anderen geven er wel een, maar het voelt alsof ze bang zijn. Bang van wat, vraag ik mij af. Dat ik hun pen nooit zal teruggeven misschien? Ik weet het niet.

Naast mijn studie werk ik ook op de luchthaven. Ik zie daar heel verschillende mensen. Mensen die tegen mij zeggen dat werken beter is dan te gaan stempelen, alsof ik de enige allochtone jongere in heel België ben die werkt tijdens zijn studie. Soms zijn de klanten ook nieuwsgierig naar mij. Ze vragen me hoe het komt dat ik zo goed Nederlands praat. Een vrouw moest me ooit 4,90 euro betalen voor haar ontbijt en gaf me 5 euro. Ik hoefde niets terug te geven. Die tien cent mocht ik houden als 'drinkgeld' omdat ik zo goed Nederlands sprak. Ik gaf haar 0,40 euro terug en zei dat ik viertalig was. Ze wist even niet wat ze moest zeggen.

Wat mij vooral stoort, is dat heel wat Vlamingen de problemen langs één kant zien. Die eenzijdigheid kom ik ook tegen in de opmerkingen van mijn Vlaamse vrienden (die ik nog steeds graag heb). Waarom de moslimvrouwen geen hand geven? Waarom de ouders niet naar oudercontacten komen? Waarom allochtonen niet verder studeren? Waarom allochtonen homo's haten? Waarom, waarom, waarom?

Ik hoor regelmatig van hen: "Jij bent een Turkse jongen, van Turken houden we wel, maar Marokkanen, daar kunnen we niet tegen." Was ik een Marokkaanse jongen geweest, dan hadden ze hetzelfde gezegd!

Waarom gaan we uit van één standpunt, het onze, en niet vanuit dat van de andere of vanuit meerdere oogpunten? Waarom worden de allochtonen altijd in hokjes geduwd? Waarom worden alle moslims over één kam gescheerd? Waarom mag een meisje met een hoofddoek niet voor een klas staan of ergens anders op de werkvloer? Waarom bekijken wij mensen zo raar als ze op de bus, metro of op de trein een andere taal spreken dan wij? Waarom is het geen issue voor de Vlamingen om stil te staan bij hun eigen vooroordelen en stereotypen over andere mensen en groepen in deze samenleving?

Misschien is dat het grootste probleem. We kijken allemaal naar de realiteit alleen vanuit onze eigen bril. Maar het is nu tijd, dat dat de Vlaming de werkelijkheid vanuit een andere bril bekijkt.

BEN JE TUSSEN 16 EN 26 JAAR OUD EN WOON/WERK/STUDEER JE IN BRUSSEL? MAIL JE BRIEF NAAR OVBRUSSELS@GMAIL.COM. WIE WEET WORDT HIJ GEPUBLICEERD IN DE MORGEN OF OP DE BLOG VAN BLERI LLESHI.


COMMENTAIRE DE DIVERCITY
PAROLE AUTOCHTONE
Excellente initiative que celle du Morgen qui donne la parole aux allochtones, pardon à la jeunesse d'origine étrangère , puisque De Morgen a désormais banni le mot allochtone de son vocabulaire.
A lire cela on mesure le fossé qui sépare autochnones et allochtones. Il ne suffit pas en effet de savourer quelquefois un couscous rue de Moscou, d'aller boire de temps à autre un thé menthe brûlant à la Ruche, d'aller voir El Gusto ou de se déplacer en métro pour vaincre la nature profonde des préjugés qui séparent les Belges de souche de leurs compatriotes issus de l'immigration.
C'est un travail de très longue haleine,une tâche cyclopéenne qui incombe d'abord à l'école, laquelle s'en acquitte plutôt mal.
MG

Aucun commentaire: