samedi 17 août 2013

'Winnen N-VA en MR en vinden ze elkaar in een centrumrechtse regering?'

Simon Demeulemeester Knack

 

In deel 6 van onze zomerreeks ‘Wat wordt de inzet van de verkiezingen 2014?' laten Franstalige journalisten en waarnemers hun licht schijnen. 'N-VA en MR kunnen elkaar vinden en een centrumrechtse regering vormen.'


ZOMERREEKS: Wat wordt de inzet van de verkiezingen 2014?
Deel 6: Olivier Mouton, Christian Laporte, Caroline Van Wynsberghe en Francis Van de Woestijne.


Didier Reynders (MR) en Bart De Wever (N-VA) © Belga

Olivier Mouton (Politiek journalist Le Vif):

'Voor 2014 zou de inzet de werkgelegenheid en een verdere hervorming van België - om de socio-economische uitdagingen van morgen aan te gaan - moeten zijn. Een dringende zaak! En met duidelijke stellingnames, zowel aan linker- als aan rechterkant. 

In de feiten zal het ook erop of eronder zijn voor de partijen van de federale meerderheid: ze zullen de kiezers moeten overtuigen van de relevantie van de zesde staatshervorming en de nieuwe institutionele structuren. Om maar te zwijgen over de rol van de nieuwe koning Filip… 

Uiteindelijk bestaat er een groot risico dat de situatie in een referendum uitdraait: voor of tegen het confederalisme ? Voor of tegen de N-VA? Met op de achtergrond hopelijk een andere naderende campagne: die van de Rode Duivels in Brazilië.'

CHRISTIAN LAPORTE (JOURNALIST LA LIBRE BELGIQUE):

'Het aankomende politieke jaar zal een scharniermoment zijn voor ons land. Niet enkel omdat er belangrijke verkiezingen zullen plaatsvinden - "de moeder van"…: niet minder dan drie tegelijk! - maar ook omdat België zich verder moet stabiliseren. We hebben veel te veel tijd en energie verspild sinds de verkiezingen van 2007 en de langste regeringsvorming ooit van 2010-2011: nu moeten de politici tonen dat ze echt verantwoordelijk zijn.

En dat veronderstelt een loyale federale toepassing van de zesde staatshervorming - men moet ze helemaal verwezenlijken…- en vooral een aantal niet communautaire hervormingen eindelijk durven aanpakken. En tezelfdertijd moeten de politici bewust zijn dat ze echt een belangrijke rol spelen en zich niet verwarren in "mediaspielerei": de sociale problemen zijn feller dan ooit en de kloof tussen rijken en armen is steeds groter… En het populisme is echt niet zo ver, wat men daar ook over denkt bij de N-VA…

Maar voor zover te geraken moeten de huidige regeringspartijen al sommige hete dossiers na de vakantie op de agenda plaatsen. En vooral niet bang zijn van de verkiezingen: voor fataliteit is immers geen plaats in de politiek…'

CAROLINE VAN WYNSBERGHE (POLITICOLOGE UCL):

'Er is geen unieke inzet voor deze verkiezingen, ook is er geen dat er echt uitspringt, zoals dat het geval was met BHV en de staatshervorming in 2010. Dat er op hetzelfde ogenblik ook Europese verkiezingen worden gehouden, maakt wel dat er goed aan gedaan wordt door een inzet te maken van hoe de crisis die door de EU trekt, aangepakt wordt. We zouden het verkiezingsresultaat kunnen lezen als een oordeel over hoe, bijvoorbeeld, de situatie in Griekenland wordt aangepakt. Dat zal misschien het geval zijn in andere landen.

Ik vrees echter dat onze typische Belgische problemen eerstgenoemde zullen overstemmen en dat er meer een vraag van eigen bodem zal meespelen: zal er opnieuw zoveel tijd nodig zijn om een regering te vormen als in de periode 2010-2011? Zullen ze alle regeringen op dezelfde dag vormen? Zal de federale regering een uitvloeisel zijn van de deelstatenregeringen, wat een confederale aanpak zou zijn? Of worden die deelstatenregeringen gevormd in functie van de federale regering: wat een federale logica veronderstelt? Of worden erassymetrische regeringen gevormd?'

Francis Van de Woestijne (Politiek journalist La Libre Belgique):

'Er zijn twee inzetten, die nauw aan elkaar verwant zijn. De eerste is een maatschappelijke, de tweede een politiek. De eerste inzet draait om de vraag of België zal kunnen profiteren van het economische herstel. Zal België na jaren van crisis opnieuw haar welzijn terugvinden? Daarvoor zijn hervormingen nodig: de pensioenen, werk, ondernemingen moeten verstrekt worden, ...

Ten tweede is de vraag welke meerderheid dit zal doen. Met andere woorden: welke meerderheid komt aan de macht? Zoals steeds heeft de kiezer de kaarten in handen. In 2010 heeft ze die onmogelijk gelegd door in Vlaanderen de N-VA te doen winnen en in Wallonië de PS. Daarenboven kenden de politici elkaar niet meer, én hadden die politici beloftes gedaan die ze niet konden waarmaken.

Er zijn wat de volgende meerderheid betreft twee mogelijkheden. Ten eerste: DiRupo I wordt Di Rupo II. Globaal genomen zijn de Franstaligen tevreden over Di Rupo I. Let wel: globaal genomen. Er is kritiek, zowel van links als van rechts. Of het die eerste optie wordt, hangt in grote mate af van het resultaat van de N-VA... en de MR. Als die laatste, net als in 2007 een 'coup kan plegen en de grootste wordt in Brussel, dan komt de eerste optie mogelijk in gevaar. Want dan kan, tweede mogelijkheid, een centrumrechtse regering gevormd worden.

Stel dat N-VA meer dan 30 procent haalt, dan is ze incontournable. Dan kan ze met CD&V, Open VLD en MR een centrumrechtse regering vormen. Op voorwaarde dat de focus op het sociaal-economische komt te liggen, én dat de N-VA compromissen kan sluiten. Compromissen sluiten met de Franstaligen is immers hun grote uitdaging.

Volgens mij is een akkoord tussen N-VA en Franstaligen op communautair vlak erg moeilijk, maar is dat compromis wel haalbaar op sociaal-economischgebied. Er zijn contacten tussen Didier Reynders en de N-VA, en ideologisch zijn er zeker raakvlakken. Van Pieter De Crem kreeg ik te horen dat de PS nooit erg geliefd is geweest bij de Vlamingen. Hij staat voor de rechtervleugel van die partij, die aan macht heeft gewonnen door de problemen van het ACW. Nu zouden ze dus kunnen kiezen voor een politiek die nauwer aansluit bij de dominante Vlaamse stroom.

Reynders heeft zeker de ambitie om premier te worden. Bij CD&V is Kris Peeters een ernstige kandidaat als N-VA goed genoeg scoort om de Vlaamse minister-president te leveren: mogelijk Geert Bourgeois? Echter: Peeters is een goede Vlaamse minister-president, maar ik betwijfel of hij premier kan worden. Misschien wordt hij minister onder Reynders, van Financiën bijvoorbeeld. Bij Open VLD zie ik niet meteen een kandidaat-premier.

Samengevat: haalt N-VA meer dan 30 procent, dan zijn ze incontournable. En als daarenboven de MR aan Franstalige zijde wint, dan kunnen zij een determinerende rol spelen om een centrumrechts kabinet te vormen.'

 

COMMENTAIRE DE DIVERCITY

BART EST FORMIDABLE, INCONTOUIRNABLE

Formidable au sens étymologique c'est à dire terrifiant, qui fait peur à tous. A tous? Pas vraiment! Pas à Didier Reynders, que certains commentateurs verraient bien succéder à la coalition Di Rupo I sous forme d'un gouvernement Reynders I avec la N-VA, le VLD et le CD&V, dans l'hypothèse où Bart De Wever atteindrait un score de 30%. Mais cela suppose que le MR fasse un bon score en Wallonie et soit vainqueur à Bruxelles. Dans ce cas de figure, l'ambitieux Reynders renoncerait à diriger la majorité bruxelloise, laissant ce soin à De Wolf, on l'imagine. Pieter De Crem a laissé entendre que le PS avait une très mauvaise image en Flandre. Question: le parti de Bart De Wever acceptera-t-il de faire des concessions?  A défaut, les commentateurs imaginent un gouvernement Di Rupo II avec les mêmes coalisés que Di Rupo I.

Et Chris Peeters?  Certains l'imaginent occuper le poste des finances fédérales à défaut du Vlaamse regering qui irait au fade Geert Bourgeois. Reste une question: les gouvernements régionaux, communautaires et fédéraux seront-ils constitués le même jour, avec les mêmes majorités ou avec des coalitions asymétriques?

Les commentateurs sont unanimes sur un point: les problèmes sociaux -le fossé entre riches et pauvres- sont de plus en plus préoccupant. L'embellie conjoncturelle et le retour très hypothétique de la croissance seront-il favorables à la formation d'un Di Rupo II?

Que de questions! Certes, mais ce sont de bonnes questions.

Curieusement aucun des éditorialistes francophones n'évoque le plus épineux de tous les problèmes: celui de l'enseignement. Selon nous un dossier communautaire formidable (dans le sens de terrifiant) et totalement incontournable.

MG

 

 

Aucun commentaire: